Hoe kan je een eetprobleem voorkomen? Met het woord ‘eetprobleem’ bedoel ik overeten en overmatig verlangen naar eten. En wat kan je doen als je het vet op je lichaam lelijk vindt en wil afvallen? Daar gaat deze les over. Het is mijn advies aan jonge meiden (maar ook aan jongens) die overwegen om een dieet te volgen. Het is belangrijk dat je weet wat de risico’s van een dieet zijn en hoe je die kan voorkomen.
Ik deel belangrijke inzichten over voedsel en je brein, gewichtsverlies, emotie-eten, lichaamsbeleving en je uiterlijk. We gaan diep, maar ik leg alles zo simpel mogelijk uit. Deze aflevering is voor jonge mensen maar ook interessant voor ouders en zorgverleners die dit onderwerp beter willen begrijpen.
Na vijf jaar podcasten in mijn kledingkast ben ik de kast uitgekomen. Deze podcast is voortaan niet alleen te beluisteren, maar ook te bekijken op YouTube. Ik begon de podcast in mijn kledingkast omdat ik daar de stilste plek in mijn huis kon creëren. De intimiteit van daar zitten met mijn microfoon tussen mijn kleding hielp mij over de drempel van het verkennen van dit medium. Iets gaan doen wat ik nog nooit eerder had gedaan: coachen door in een microfoon te praten terwijl ik je niet kon zien.
Het was allemaal spannend en nieuw. De intimiteit van mijn kledingkast hielp me over de drempel en het geluid was daar echt prachtig. Ik had er geen studio voor nodig. Al die kleding deed genoeg. Maar na vijf jaar vond ik het ook mooi geweest en vind ik het fijn om bij daglicht te podcasten. Niet tussen mijn kleding, maar hier in de kamer waar ik ook al mijn coaching geef, waar ik mijn workshops maak, waar ik een groot deel van mijn boek heb geschreven. Hier maak ik mijn Etenslessen en dus maak ik hier voortaan ook mijn podcast. Dus welkom!
Dit onderwerp, mijn advies aan jonge meisjes, heb ik weken voorbereid. Er is zoveel over te vertellen. Tegelijkertijd haalde ik het steeds terug voor mezelf naar het besef dat een relatie met eten iets is wat je ouders eerst voor je inregelen. Je kunt het woord relatie gewoon vervangen door omgang: de manier waarop je met eten omgaat, is iets wat je ouders eerst voor je invullen in het huis waarin je opgroeit.
Gaandeweg, als je in de pubertijd komt en genoeg zakgeld hebt, ga je steeds meer je eigen keuzes maken. Het zou oneerlijk zijn als ik jou de indruk zou geven dat ik je in deze podcastaflevering alles kan geven wat je nodig hebt om direct alles al helemaal uit te vogelen met eten, je lichaam, je uiterlijk en jezelf. Dit wat ik ga bespreken heeft tijd nodig. Je hebt tijd nodig om daar je ontdekkingen in te gaan doen.
Je zult merken dat wat je daarin tegenkomt er lang niet altijd uitziet zoals je wilt. Dat is eigenlijk meteen al mijn eerste advies aan je: geef jezelf de tijd om uit te vinden wat voor jou werkt in je omgang met eten en in de omgang met je uiterlijk.
Het allerbelangrijkste wat je moet weten als het gaat om het vet op je lichaam, is dat je daar niet mee kunt spelen zoals je met de rest van je uiterlijk kunt spelen. Dat is zo belangrijk om je te realiseren. Je kunt je haar afknippen, blonderen, donker verven, eraf scheren. Je kunt wisselen van kledingstijl. Maar je kunt het vet op je lichaam er niet even afhalen, zoals je je look aanpast omdat je zin hebt in iets anders.
Dat is misschien frustrerend voor je, als je lichaam net door die verandering is gegaan waarbij je ineens in een sneltempo vet begon te ontwikkelen op je borsten, je buik, je billen en je benen. Je denkt: help, ik voel me dik. Als ik in de spiegel kijk, vind ik het niet mooi. Ik wil dit eraf hebben. Wat je misschien gaat voelen, is de verleiding om een dieet te gaan volgen.
Die voelde ik zeker, want mijn moeder was altijd op dieet. Ze was altijd zo blij als ze was afgevallen en kwam helemaal jubelend de kamer in: er is weer een kilo af. Dus leerde ik, gewoon omdat ik me als dochter aan haar spiegelde, dat diëten blijkbaar best iets aantrekkelijks is om te doen. Toen ik op mijn veertiende in een spiegel keek en dacht ik ben dik, ik vind dit niet mooi, ik wil het eraf hebben, ging ik gewoon doen wat zij deed. Mijn moeder hielp me ook met mijn eerste dieet.
Dat was een grote valkuil. Er zijn een aantal dingen die je moet weten over voedsel en het vet op je lichaam die ik nu voor je ga bespreken. Deze kunnen het ontwikkelen van een eetprobleem in je leven besparen.
Voedsel is een primaire behoefte. Je hebt voedsel nodig om te kunnen overleven. Daarom wordt jouw verbinding met voedsel heel streng bewaakt door je brein. Er wordt in de gaten gehouden of je snel veel gewicht verliest en dan wordt dat gecompenseerd. Er wordt in de gaten gehouden of er geen spanning is tussen jou en voedsel. Want zodra jij spanning voelt bij voedsel, denkt een primitief deel van je brein dat er te weinig voedsel is, of binnenkort te weinig voedsel is. In reactie daarop schroeft het je verlangen naar eten op.
Dat kan er extreem uitzien. Als jij spanning begint te voelen tussen jezelf en eten, schroeft je brein je verlangen naar eten op. Dat betekent dat je, als je ergens binnenkomt, je oog direct valt op het eten wat daar is in de ruimte. Je spreekt misschien met vriendinnen af en je bent de hele tijd bezig met de koekjes die op tafel liggen. Je kunt plotseling aan eten gaan denken, aan iets wat je lekker lijkt, en je krijgt het gewoon niet meer uit je hoofd. Het blijft de hele dag door je hoofd gaan.
Als je eet, eet je meer dan lekker voelt in je lijf. Je voelt een drift om te blijven eten, dus je overeet. Je eet meer dan je lichaam eigenlijk behoefte aan heeft. Dat is allemaal in reactie op de spanning die je voelde. Het is heel belangrijk dat je in je leven leert hoe je spanning tussen jezelf en voedsel kunt voorkomen. Als je leert hoe je dat doet, wordt eten geen probleem.
Dan kun je misschien nog steeds gewicht willen verliezen. Ik ga je ook uitleggen hoe je dat dan kunt doen op een manier die geen spanning veroorzaakt, die niet problematisch is. Je kunt spelen met je haar, je kunt spelen met je kledingstijl, maar je kunt niet spelen met dat vet op je lijf.
Een dieet verleidt je als de snelste weg daarnaartoe. Wat ik net zei is dat snel afvallen een van de dingen is waar je brein op let. Als je snel gewicht verliest, gaat je brein dat, of jij dat nou wilt of niet, proberen te compenseren. Dus wordt je verlangen naar eten groter en dat kan tientallen jaren ellende veroorzaken.
Dat is ook de reden waarom veel moeders mij berichten sturen als ze zien dat hun dochter een dieet overweegt. Dan denken ze: help, ik wil niet dat ze in dat probleem belandt waar ik tientallen jaren in heb gezeten of misschien nog steeds in zit. Ik wil haar die ellende besparen.
Diëten veroorzaken vaak spanning, waardoor jouw verlangen naar eten alleen maar groter wordt. Hoe komt het dat een dieet spanning veroorzaakt? Het is heel simpel. Als kind heb je geleerd dat je regels niet mag overtreden. Zodra je op het punt staat om een regel te overtreden, om iets te doen wat echt niet mag omdat je ouders het hebben verboden of omdat de wet het verbiedt, dan voel je dat er een alarm in jezelf afgaat wat zegt: pas op, dit mag niet. Dat is een vorm van spanning die je daarbij voelt.
De definitie van het woord dieet is leefregel voor voeding en drinken. Regel. Dus als je een dieet volgt, krijg je regels aangereikt. Jij hebt al lang geleerd dat je regels niet mag overtreden. Dat alarmsysteem is al zo geautomatiseerd dat het gewoon afgaat. Je wilt afvallen, je vindt het vet op je lijf niet mooi, en je begint met een dieet. Je krijgt een setje regels: dit mag je eten, dit is wanneer je dat mag eten, dit is hoeveel je daarvan mag eten.
Vanaf dat moment zijn dat jouw regels. Zolang je blij bent met die regels en je daar lekker bij voelt, is er niets aan de hand.
Dit is wat er meestal gebeurt. Je komt ineens iets lekkers tegen wat je van dat dieet niet mag hebben. Omdat het er lekker uitziet, omdat je het aangeboden krijgt, omdat het lekker ruikt, voel je automatisch eerst wat verleiding. Dat gebeurt gewoon spontaan. Je voelt verleiding, je voelt verlangen, je denkt: brownies, ik noem maar wat.
Op dat moment wordt die dieetregel actief in jou en dat interne alarm gaat af en zegt: nee, wacht even, dat mag ik niet hebben. Dat was niet de afspraak. Als ik dit nu eet, word ik dik. Als ik dit nu eet, val ik niet af. Als ik dit nu eet, is dat niet gezond. Dus betrap je jezelf op een verboden verlangen. Daar voel je spanning bij.
Kun je zien dat dit bijna niet te voorkomen is? Als je een dieet volgt wat bestaat uit regels en jij spontaan ergens verleiding bij voelt, wat ook vrijwel niet te voorkomen is want eten is overal om je heen, zodra jij daar verleiding bij voelt, voel jij de schrik omdat je jezelf betrapt op een verboden verlangen. Wat denkt dat primitieve deel van je brein? Er is te weinig voedsel. Er is straks misschien te weinig voedsel. Ik moet er alles aan doen om te zorgen dat ze eet. Dus wordt je verlangen naar dat wat verboden is alleen maar groter.
Dit is puur mens zijn. Dit gaat helemaal niet over jou en dat je te weinig wilskracht of discipline zou hebben of dat dat dieet slecht is. Dit is gewoon je menselijke ervaring. Je bent een mens en bij het zien van eten, omdat het een primaire levensbehoefte is, voel je al snel verleiding. Je hebt ook allerlei fijne associaties bij dat eten wat je daar ziet: van gezelligheid, van het leuk hebben met elkaar, sociaal zijn, jezelf belonen, verwennen. Die verleiding voel je dus vanzelfsprekend.
Dan is daar dat moment dat je jezelf betrapt op die verleiding. Je schrikt daarvan. Daar kun je niks aan doen. Daarom kan ik nu heel duidelijk zien waarom ik en al die vrouwen die ik in mijn programma begeleid en misschien jouw moeder ook, die zich nu zorgen maakt om jou, denken: help, nee, ga alsjeblieft niet op dieet. Want dan ontketeen je iets in jezelf.
Het is alsof er een kat uit een zak komt die je daar nooit meer in terugkrijgt. Dat is gelukkig niet zo. Daar gaat mijn werk over. Ik help mensen om dit wat hier gebeurt ook weer te kunnen repareren en weer helemaal uit je systeem te krijgen. Maar dit hele probleem kunnen voorkomen is natuurlijk veel prettiger.
Want wat er gebeurt als je toch dit pad opgaat, is dat je die verleiding die je begint te voelen en dat verlangen naar eten wat alleen maar groter wordt, probeert te onderdrukken, onderdrukken, onderdrukken. Maar je brein gaat gewoon door met jouw signalen sturen van: doe nou, pak nou, eet nou. Vroeg of laat ga je voor de bijl. Wat er dan gebeurt is dat je een faalervaring hebt. Jee, ik heb me niet aan mijn dieet gehouden. Ik heb mijn plan niet gevolgd. Zo krijg ik dat vet er niet af. Zo wordt het alleen maar erger. Ik wil het er echt af hebben.
Je begint opnieuw, je pakt de bal weer op. Je doet harder je best. Maar die faalervaring heeft jou wel spanning gegeven. Nu was er niet alleen de spanning van jezelf betrappen op een regel die je verbreekt. Nu heb je ook nog de spanning van een faalervaring. Je hebt je niet aan je dieet gehouden. Dus word je een beetje boos op jezelf, je bent een beetje teleurgesteld in wat er gebeurde en je wilt harder je best doen.
Dat betekent dat je al met spanning opnieuw je dieet weer oppakt. Die spanning tussen jezelf en eten en boos worden op jezelf en teleurgesteld raken, dat kan een herhaling van zetten worden waarbij de spanning die je voelt en de frustratie die je voelt en de teleurstelling die je voelt en misschien zelfs op den duur paniek die je voelt, groter en groter en groter wordt. Waardoor je uiteindelijk gewoon depressief kunt worden van het volgen van diëten. Daarom zeg ik tegen je: doe het gewoon niet. Er is een andere route voor je, een route die geen spanning met eten veroorzaakt.
Weet je trouwens wat er ook nog gebeurt? Omdat dit zoveel spanning geeft, omdat het zo frustrerend voor je is om te doen en omdat je zoveel faalervaringen opdoet iedere keer als je verlangen naar eten alleen maar groter is geworden, wil je op den duur ook zo snel mogelijk afvallen, zodat het hele probleem voorbij is. Maar wat ik eerder tegen je zei, is dat snel afvallen ook betekent dat je weer snel aankomt, omdat je brein dan nog harder gaat werken aan het opschroeven van jouw verlangen naar eten.
Dat is precies hoe je in een eetprobleem belandt. Jij wilt zo snel mogelijk afvallen. Je brein wil dat je zo snel mogelijk weer aankomt. Je bouwt steeds meer spanning op in al die faalmomenten, al die momenten waarop je het onderdrukken van je verlangen naar eten gewoon niet langer volhoudt. Zo beland je in een probleem wat eruitziet als aankomen, afvallen, aankomen, afvallen, aankomen, afvallen en steeds meer negativiteit voelen tussen jezelf en je spiegelbeeld en eten en steeds meer wanhoop, steeds meer negativiteit.
Totdat je inderdaad, zoals ik in die tijd, gewoon echt in een depressie belandt, omdat je doodongelukkig wordt van dat eten wat je maar niet uit je hoofd krijgt, wat je maar niet onder controle krijgt. Je denkt ook nog aldoor dat dat aan jou ligt. Want dat dieet is aan je verkocht als een heel goed idee, als iets wat je heel happy gaat maken, superslank gaat maken, zelfverzekerd gaat maken.
Je grijpt ernaar, je grijpt ernaar en je faalt keer op keer op keer op keer. Je denkt: blijkbaar is er met mij iets mis. Ik heb gewoon te weinig discipline of te weinig wilskracht. Het ligt niet aan jou, het ligt aan deze aanpak. Diëten zijn bedacht zonder rekening te houden met het feit dat ons brein, jouw brein dus ook, geen spanning verdraagt tussen jou en voedsel.
Daarmee is mijn advies aan jou, en deze aflevering heet advies aan jonge meisjes, maar dat advies geldt natuurlijk ook net zo goed voor ieder jong mens die in de spiegel kijkt en denkt: ik voel me dik, ik wil minder vet op mijn lichaam hebben en ik denk dat een diëten de route is. Nee, er is echt een betere route, een route die geen spanning met eten veroorzaakt. Zo belangrijk om te weten.
Je ouders hebben je verteld dat roken gevaarlijk is. Als je door het verkeer gaat moet je er goed op letten. Dat is jouw verantwoordelijkheid: zorgen dat je veilig door het verkeer gaat. Dat kan niemand voor je fixen, dat moet je zelf gaan dragen, die verantwoordelijkheid.
Zorgen dat er geen spanning tussen jou en eten ontstaat, is ook jouw verantwoordelijkheid. Het is aan je ouders om je daarin te ondersteunen en om deze kennis ook tot zich te nemen. Daarom hoop ik dat ze mijn boek zullen lezen als jij het niet leest, zodat ze dit weten en weten dat ze niets moeten doen wat voor jou spanning met eten veroorzaakt. Daar kunnen zij aan bijdragen.
Maar het is zo belangrijk dat jij het ook weet, want uiteindelijk ga jij zelf het meest met eten om zonder dat zij erbij zijn ook. Dus dit moet je weten: er mag gewoon geen spanning tussen jou en eten ontstaan.
Hoe werkt het dan? Hoe kun je zorgen dat je in je leven niet steeds zwaarder en zwaarder en zwaarder wordt? Hoe kun je zorgen als dat toch al een beetje is gebeurd, dat dat op een natuurlijke manier ook weer gecorrigeerd kan worden, maar op zo’n manier dat het geen spanning met eten veroorzaakt?
Een dieet stuurt je naar je hoofd. Een dieet vertelt je: dit is wat je moet eten om gezond te zijn, dit is wat je moet eten om af te vallen. De manier die geen spanning met eten veroorzaakt, is een manier die niet gaat over aansluiten bij je hoofd, maar aansluiten bij je lichaam.
Je lichaam heeft van nature een verlangen naar vitaliteit. Vitaliteit is gewoon levenssap, levenslust, levenskracht. Als je je vitaal voelt, heb je zin in de dag. Je lijf heeft er zin in. Je lijf kan zich goed concentreren. Je lijf bruist. Je wordt lekker fris wakker. Dat is waar je je lichaam van nature naar streeft. Dat betekent dat je lichaam ook van nature aanvoelt welk voedsel jou die energie zal geven.
Jouw lichaam weet ook wanneer je te veel zou eten en daar moe en hangerig en overbelast door voelt. Jouw lichaam kan jouw gewicht je leven lang zo voor jou reguleren, dat jij zult zien als je in de spiegel kijkt: hé, ik zie eruit zoals ik dat fijn vind, zoals ik voel dat het klopt. Voor vrouwen betekent dat dat er altijd iets van vet op je lijf zal zitten, omdat de natuur gewoon wil dat ook als er een gebrek aan voedsel is, jij nog steeds een zwangerschap zou kunnen voldragen.
Je zult moeten accepteren dat je niet een vetvrij lichaam kunt hebben. Een vetvrij lichaam is een gestrest lichaam, is een lichaam in nood. Dus iets van vet heb je nodig op je lichaam. Dat is gewoon zo. Maar dat hoeft er niet uit te zien als iets wat jij zult herkennen als duidelijk overgewicht.
Daarom gaan we straks nog even praten over lichaamsbeeld. Maar ik ben nu met je aan het bespreken hoe jij kunt zorgen dat jouw gewicht voor jou altijd zal kloppen. Jij zult voelen: hé, dit is hoe een levenslustig lichaam voelt, wat ik herken als ik me lekker voel in mijn lichaam. Niet overbelast en duf en log, maar echt lekker. Als ik in de spiegel kijk, kan ik ook zien: ja, dit klopt.
Als je eten niet gaat benaderen vanuit je hoofd, maar gaat benaderen vanuit je lichaam, contact maken met dit natuurlijke verlangen naar die levenslust, die levensenergie, dan ontwikkel je geen overgewicht. Dan word je niet steeds zwaarder en zwaarder en zwaarder. Dan zul je merken dat als je luistert naar je signalen van honger en verzadiging, jouw lichaam precies weet wanneer je moet eten, hoeveel je moet eten en wat je moet eten. Als je daarbij aansluit, zul je je altijd heel lekker voelen in je lijf: licht en energiek en klaar voor de dag. Het is echt een verrukkelijk gevoel.
Eten op deze manier benaderen door je lichaam de leiding te geven en te leren luisteren naar je lichaam is een probleemvrije omgang met eten waarin je nooit een eetprobleem zult ontwikkelen. Je zult wat tijd nodig hebben om te ontdekken: heb ik al regels over eten in mijn hoofd? Wat vertelt mijn lichaam daarover? Wanneer heb ik daadwerkelijk maaghonger of alleen maar zin in eten om andere redenen dan dat mijn lichaam daadwerkelijk om voedsel vraagt? Hoe voel ik me als ik natuurlijk voedsel eet en hoe voel ik me als ik onnatuurlijk voedsel eet?
Dat zijn allemaal dingen waar je een klein beetje kennis over nodig hebt, wat informatie over nodig hebt, maar vooral heel veel experiment. Aftasten, nieuwsgierig worden. Het is bijna zoals je aan een goede vriend of vriendin of iemand waar je verliefd op bent, zou willen ontdekken: wat vinden ze fijn? Waar worden ze blij van? Zo kun je dat ook met je lichaam doen en er echt achterkomen wanneer jouw lichaam zich heerlijk voelt en bruist van de energie en goed kan slapen en jij je goed kunt concentreren.
Dat is een prachtige verkenning die je kunt doen, die geen eetprobleem veroorzaakt. Dat is de route waarmee jij je hele leven lang slank kunt zijn, je lekker kunt voelen in je lichaam, bruisen van de energie en eten nooit een probleem is. Niet vanuit je hoofd beslissen wat je eet, maar leren om aan te sluiten bij de verlangens van je lichaam, dat natuurlijke verlangen naar vitaliteit.
Dan komen we bij het derde onderwerp en dat is het onderwerp onnatuurlijk voedsel. Dan hebben we het over snoep en pizza en patat en alles wat sterk bewerkt is. Dat soort voedsel maakt jouw lichaam een klein beetje in de war. Je lichaam kan niet zo goed meten: wat heb ik binnengekregen? Hoeveel energie is dat? Heb ik hier wat aan? Wat moet ik hiermee? Wat doe ik hiermee?
Toch zul je merken dat je dat soort eten welke plek in je leven je wilt geven. Waarschijnlijk wel. Je leerde als kind al dat dat een traktatie is, dat dat iets lekkers is wat misschien bij het weekend hoort, of bij een kinderpartijtje, of bij naar de bioscoop gaan, of bij vakantie. Vakantie betekent ijs, vakantie betekent patat of pizza. Waarschijnlijk. Als je nu kijkt naar wat jij leerde, welke associaties jij hebt bij dat soort eten.
Dus is de vraag: hoe wil je daarmee omgaan? Als je een brein hebt wat sterk reageert op dit soort voedsel, dan zul je merken dat dat voedsel al snel naar meer smaakt, ook als je geen honger hebt. Je neemt er een koekje bij de thee en je hebt misschien net geluncht. Je kunt voelen aan je maag dat je geen honger hebt, je lichaam heeft geen honger, maar dat koekje lijkt je lekker, het is gezellig, je eet het en je merkt dat iets in jou zegt: ik wil er nog wel een. Volgens mij kan ik dit hele pak nu eten.
Dat is het effect van suiker op je brein. Dat is het effect van de dopamine die dan vrijkomt in je brein. Als je daar heel gevoelig voor bent, gevoelig op reageert, dan zul je merken dat die route die ik net heb beschreven van luisteren naar je lichaam, samenwerken met je lichaam zodat je altijd die heerlijke bruisende energie hebt, een beetje haaks staat op wat hier gebeurt tussen jou en dat snoep of die chocolade, drop of die patat, die pizza. Dat smaakt naar meer, terwijl je lichaam er niet om vraagt.
Hoe ga je daar nou mee om? Dit is ook typisch iets voor jou om voor jezelf uit te gaan zoeken. Daar heb je tijd voor nodig. Je hebt echt tijd nodig om te gaan ontdekken: wat wil ik hiermee? Welke plek wil ik dit geven in mijn leven? Wanneer werkt dit voor mij? Is het juist van toegevoegde waarde, gezellig, leuk, een traktatie? Wanneer zit het me eigenlijk in de weg? Wanneer begint het zo aan me te trekken dat het meer een vervelend iets is en een stoorzender wordt dan echt een plezier in mijn leven?
Die verkenning heb je tijd voor nodig. Als je een brein hebt zoals dat van mij, niet iedereen reageert namelijk even gevoelig op suiker, maar mijn brein reageert daar heel gevoelig op. Dus ontdekte ik als kind dat ik van die koekjes kon blijven eten, omdat ik gewoon een gevoelig systeem heb. Die gevoeligheid zit ook op alles wat ik eet.
Daarvan merkte ik dat mezelf dat soort dingen verbieden, want je wordt er dik van, het is ongezond, dat werkte niet. Ik moest echt gaan ontdekken: wanneer, als ik het altijd mag eten, want ik wil geen spanning tussen mezelf en eten, als ik het altijd mag eten, hoe vaak wil ik dit dan eten? Kan ik dit dan eten zonder dat het me in de weg zit, zonder dat ik er last van heb?
Dat zal één van de dingen zijn in het veilig door het verkeer gaan, als ik het daar weer even mee vergelijk, waarin jij gaat ontdekken hoe jij veilig met eten omgaat, op zo’n manier dus ook met dit soort eten dat het je niet in de weg zit. Want dit is wat er kan gebeuren als je iemand bent die daar heel gevoelig op reageert: dan ontdek je dat dit soort voedsel je heel erg lekker kan afleiden van jezelf.
Als je last hebt van negatieve gevoelens, als je gestrest bent over je huiswerk, als je verliefd bent op iemand die niet verliefd is op jou, als je ouders ruzie maken en je daar je aan wilt onttrekken. Er zijn zoveel. Een jong mens zijn is niet makkelijk. Je moet gaan bedenken welk beroep je later gaat kiezen. Je hebt al die sociale structuren. Dan heb je nog social media. Er is zoveel uit te vogelen voor je.
Daar kom je allerlei emoties in tegen. Als je een time-out wilt van die emoties, merk je dat je met snoep en chips en snacks jezelf heerlijk kunt afleiden. Dit is iets wat volwassenen herkennen. Volwassenen proberen ook te ontsnappen aan zichzelf en dat doen ze door te scrollen op hun telefoon of zich te storten op hun werk of zich te storten op de problemen van andere mensen. Ze doen het door wijn te drinken. Er zijn zoveel manieren waarop volwassenen ook een time-out zoeken van zichzelf.
Jij zult in jouw leven moeten gaan ontdekken: hoe kan ik mezelf begeleiden in het omgaan met negatieve emoties zonder dat ik de gewoonte ontwikkel om dan altijd naar snoep en snacks te grijpen? Het is geen tekortkoming dat je die verleiding voelt. Het is geen tekortkoming dat je hebt ontdekt dat dit voor je werkt. Ik deed die ontdekking ook.
Als je daar een gewoonte van maakt, een time-out willen van negatieve gevoelens door te grijpen naar snoep of snacks, of tosti’s maken, als dat een gewoonte wordt, dan noemen we dat emotie-eten. Dat betekent dat je automatisch naar eten begint te verlangen zodra je eigenlijk iets dwars zit.
Een eetprobleem voorkomen in je leven vraagt van jou dat je dit gaat herkennen. Dat je bewust wordt: wacht even, ik zie tegen mijn huiswerk op. Ik heb nu helemaal geen honger, maar ik zie tegen mijn huiswerk op. Ik wil dat nog even uitstellen. Ik wil ontsnappen aan mijn gevoel van weerstand tegen dat stomme huiswerk. Dat doe ik door mezelf onder te dompelen in dat lekkers uit de voorraadkast.
Ook dit is iets wat voor jou tijd nodig heeft om te gaan herkennen in jouw omgang met eten. Misschien doe je het al een tijd. Is dat vet op je lichaam waarvan je ineens denkt: help, wat gebeurt hier, iets wat samenhangt met emotie-eten? Dus jouw gevoeligheid voor jezelf even kunnen afleiden van jezelf met snoep of snacks hangt samen met negatieve gevoelens.
De vaardigheid die je zult moeten leren in je leven is: hoe kan ik mezelf begeleiden in het voelen van zoiets als een weerstand tegen mijn huiswerk, frustratie over dingen die niet gaan zoals ik wil, de afwijzing van iemand die ik leuk vind, niet bij een groepje horen, niet blij zijn op dit moment met je lijf. Wat het ook is, hoe kan jij iemand worden die dat kan voelen zonder daaraan te willen ontsnappen?
Ik denk dat het heel belangrijk is dat je je daarover laat informeren. Als je ouders zich met jouw relatie met eten willen bemoeien, dat hier het
Continue
13:46
gesprek over gaat en niet over wat gezond of ongezond eten is. Maar op zijn minst dit gesprek: wat doen jullie met je negatieve emoties? Want zij hebben die ook. Staan zij open voor het ontvangen van die negatieve gevoelens om eraan te willen ontsnappen? Als ze er niet aan ontsnappen, hoe doen ze dat dan?
Als ze dat niet doen met wijn of eten of overwerken of altijd je bezighouden met andere mensen in plaats van echt voelen wat er in je omgaat, daar hele goede manieren voor leren vinden is een van de opdrachten in je leven waar je niet aan ontkomt als je niet verslaafd wilt raken aan werken of andere manieren van ontsnappen aan jezelf. Dus met onder andere een eetprobleem ontwikkelen omdat je de hele tijd naar eten grijpt als je even een time-out wilt van wat je voelt en van wat je denkt.
Gewicht verliezen, of je hele leven gewoon slank kunnen zijn zonder dat je gewicht ooit een probleem wordt. Met slank bedoel ik niet dun dun dun zoals een bepaald schoonheidsideaal, maar gewoon echt voelen dat jouw lichaam voor jou klopt en lekker voelt. Dat vraagt van jou dat je je aansluit bij dat natuurlijke verlangen van vitaliteit wat je lichaam heeft. Dat je niet in je hoofd gaat zitten om te bedenken wat je wel of niet zou moeten eten. Dat je geen dieet gaat volgen, maar ook dit stuk: dat je ontdekt hoe kan ik voor mijn gevoelens zorgen, ook negatieve gevoelens, zonder naar eten te grijpen om daaraan te ontsnappen.
Dan kom ik bij het volgende onderwerp en dat is het onderwerp van gewoonten. Wat ontzettend gaat helpen hierin in je leven is het ontwikkelen van gewoonten die maken dat jouw brein niet om eten vraagt als je geen honger hebt. Als het niet daadwerkelijk brandstof van je nodig heeft.
Stel dat je bijvoorbeeld stage ergens zou lopen en er staat bij die stage altijd op een balie een snoeppot. Als je brein wat gevoelig op suiker en snelle suikers reageert, en je gaat elke dag, een week achter elkaar, pak je iets te snoepen uit die pot, dan zul je merken dat ook als je eigenlijk helemaal geen zin hebt in snoep, jouw brein je helpt te herinneren aan: pak even wat uit die pot. Ook dat is volkomen natuurlijk.
Als je de gewoonte van die snoeppot niet ontwikkelt, ga je hier geen last van hebben. Dus het ontwikkelen van gewoontes die voor je werken is ook een van de dingen waarmee je een eetprobleem kunt voorkomen. Als je dan wel in de pauze koeken gaat kopen, zul je merken dat je altijd aan die koeken denkt. Maar als je eenmaal de gewoonte hebt: in de pauze eet ik alleen wat ik van huis heb meegenomen, omdat ik naar mijn lichaam luister en mijn lichaam vraagt niet om die koeken, mijn lichaam wordt veel blijer van wat ik in mijn lunchtrommel heb zitten, dan voel je geen verleiding als je langs koeken loopt omdat je met je vriendinnen meegaat door de supermarkt.
Dat is zo fijn. Het is zo lekker rustig in je hoofd. Dus dit is één van de dingen die in je voordeel werken. Het ontwikkelen van gewoontes die maken dat je brein niet over eten begint als jij gewoon geen honger hebt.
Dan komen we bij het laatste onderwerp en dat is het onderwerp van je lichaamsbeeld. Wat ik aan het begin van deze aflevering zei is dat het zien van je lichaam in de spiegel en daar wat van vinden, het bijvoorbeeld dik vinden, niet mooi vinden, lijkt iets wat zich alleen in jouw slaapkamer afspeelt, of alleen in de kleedkamer van de sportschool, of alleen onder de douche, of in dat pashokje als je aan het shoppen bent. Het lijkt alsof dat negatieve gevoel, die negatieve gedachte van: ik vind dit lelijk, alleen daar een effect op je hebben. Dat is niet waar.
Die negatieve gedachten die je daar hebt, hebben ook een effect op eten en het ontwikkelen van spanning tussen jezelf en eten. Het is zo belangrijk om dit te realiseren. Dus zelfs als je nooit een dieet gaat volgen, als jij in dat pashokje walgt van je lijf, negatieve gedachten door je hoofd laat gaan, niemand hoort ze, dus het lijkt alsof het heel privé blijft, tekeergaan over je lijf. Gadver, ik vind het lelijk, ik vind het walgelijk.
Ik heb de lelijkste dingen gedacht over mijn lijf. Ik weet hoe ver dat kan gaan en hoe automatisch dat soort gedachten kunnen worden. Zodra je jezelf ziet in de spiegel, denk je: dikke reet, dacht ik altijd. Dikke vette benen. Ik vond het zo lelijk. Ik meende dat ook echt. Als je het aan me zou vragen, valt het toch wel mee? Nee, absoluut niet. Het valt niet wel mee. Ik had er zulke sterke gevoelens over, zulke krachtige negatieve gevoelens bij.
Wat er gebeurt als je dit soort negatieve gedachten en gevoelens hebt, is dat ze overspringen op eten. Want in je slaapkamer heb je gewalgt van je lichaam, maar even later kom je in de keuken, zie je eten, en je denkt onmiddellijk bij het zien van dat eten: ik moet oppassen. Want als ik dit nu eet, blijf ik zo walgelijk. Ik moet oppassen, want als ik vandaag niet de goede keuzes maak met eten, dan blijft het zo erg, of het wordt nog erger. Ik moet oppassen, want als mijn lijf nu niet verandert, dan vinden anderen me niet leuk.
Die spanning die je daarbij voelt, komen we weer uit bij het woord spanning, wordt opgepikt door dat primitieve deel van je brein, wat ziet dat jij schrikt bij het zien van eten. Wat begon bij het walgen van je lichaam, in dat moment daarvoor, in dat pashokje. Dus wordt je verlangen naar eten groter.
Een voorbeeld. Je gaat shoppen met je vriendinnen. Hartstikke leuke middag. Je hebt helemaal geen honger, want je hebt thuis net nog gegeten. In het pashokje begin je te walgen van je lijf. Je kijkt misschien naar je vriendin en je vindt haar lijf veel mooier dan dat van jou, dus je gebruikt je lichaam ook nog om negatief te vergelijken. Je walgt van je lijf en even later loop je door dat winkelcentrum en het eerste wat je wilt is een milkshake. Wat je wilt is patat en een milkshake en nog een ijsje en een reep chocola. Wat je wilt is een puntzak snoep halen bij de Jamin.
Waarom doe ik dit? Ik vind mijn lijf toch zo dik en lelijk. Waarom eet ik dit nu? De belangrijkste schakel die je hierin kunt gaan herkennen, als we praten over geen eetprobleem ontwikkelen, is dat dit wat je hier bent gaan doen in je slaapkamer, onder de douche, bij het shoppen, in de kleedkamer, dat walgen van je lijf, daar kom je niet mee weg. Dat zul je moeten opruimen.
Dan vergelijk ik het weer met veilig door het verkeer gaan. Je kunt niet het verkeer inrennen zonder links en rechts te kijken. Je zult je leven lang voorzichtig moeten zijn als je door het verkeer gaat. Zo zul je je leven lang voorzichtig moeten zijn in de dingen die je denkt, de gevoelens die je opwekt over je uiterlijk, over je lichaam, over het vet op je lichaam.
Hoe doe je dit dan? Als je nu hiernaar kijkt en hiernaar luistert en je denkt: ja, maar Marjena, ik vind het oprecht walgelijk. Ik vind het lelijk. Ik voel me heel onprettig in mijn lijf. Dus hoe kan ik er dan niet van walgen?
Nu ga ik iets tegen je zeggen, een vergelijking waarvan ik denk dat je die wel zult snappen. Stel dat jij een puppy hebt, een superschattige pup waar je waanzinnig veel van houdt. Wie kan een puppy weerstaan? Puppies rennen direct, die huppelen direct ons hart in. Jij houdt van die pup. Nu gebeurt er iets met die pup. Die pup raakt beschadigd door een ongeval, iets. Misschien brandwonden, een pootje eraf of een gat in de lip van die pup waardoor die pup altijd kwijt of snot heeft of iets waarvan als mensen die pup zien, en jij ook, je denkt: die gave pup vond ik veel mooier.
Ik kan niet ontkennen dat ik die pup voor dit ongeluk veel aantrekkelijker en mooier vond. Zo schattig, zo knuffelig, zo perfect. Nu is deze pup verminkt. Er is van alles aan de hand met snot en kwijl en een scheef oog. Verzin maar dingen waarvan je zou zeggen: niet mooi. Echt oprecht niet mooi.
Wat heel waardevol is voor je om te kunnen gaan herkennen, is dat je iets niet mooi kunt vinden en toch ervan houden. Toch liefdevol en respectvol met die pup omgaan. Ik weet zeker dat je dat zou kunnen. Sterker nog, ik weet zeker dat je bij het zien van die pup zou denken: niemand vindt jou nu nog mooi. Als ik jou opnieuw zou kunnen uitkiezen, als ik zou kunnen toveren, zou ik je weer puntgaaf maken. Maar ik hou van je en ik wil je nooit het gevoel geven dat ik je afwijs of afkeur.
Het is even heel belangrijk dat je snapt dat dat naast elkaar kan bestaan. Dat is een heel belangrijk begrip in de psychologie en in coaching: dat dingen naast elkaar kunnen bestaan. Ja, die puntgave pup, als jij zou kunnen toveren, zou je die pup weer puntgaaf toveren. Zeker, want wat vond je mooier? Eerlijk is eerlijk. Je vindt mooi wat je mooi vindt. Die gave pup, zoals je die ooit in het begin had, vind je mooier. Vond je mooier. Dat is gewoon de waarheid. Daar mag je eerlijk over zijn.
Maar je kunt ook zien dat jij wilt dat die pup zich bij jou veilig voelt en geliefd voelt. Jij wilt van die pup houden, ongeacht wat er met die pup aan de hand is.
Dan ga ik nog een stap verder met je. Dit is het diepe werk wat we nu aan het doen zijn, maar ik denk dat je me kunt volgen. Je kunt hier nog hoe vaak naar luisteren om het keer op keer op je in te laten werken.
Je kunt die pup besluiten: ik vond die pup zoals die was mooier, maar ik wil deze pup altijd het gevoel geven: bij mij ben je veilig. Ik hou van jou, ongeacht hoe je eruitziet. Nu kijk je misschien naar mij en denk je: ja Marjena, ik kan een heel eind met je mee. Maar wat er met die pup gebeurde, kan die pup niks aan doen. Wat er met mijn lichaam is gebeurd, is mijn eigen schuld. Ik zou niet zo dik zijn als ik nu ben, als het niet mijn fout was. Als ik niet de hele tijd die dingen was gaan eten waar ik nu zo dik van ben geworden.
Dus ik verdien geen vriendelijkheid. Ik verdien geen respect. Ik verdien geen: kom bij mij, die koestering zoals ik die naar die pup zou laten voelen van bij mij ben je altijd veilig. Ik verdien dat niet.
Dan zeg ik tegen je: dat is een misverstand. Want alles wat ik je nu net heb verteld in deze aflevering, met mijn advies aan jou, wist je nog niet. Je weet nog niet hoe jouw relatie met je brein en suiker precies in elkaar steekt. Je weet nog niet hoe dat precies zit met emotie-eten. Je weet nog niet hoe je aansluit bij je lichaam en die natuurlijke signalen van honger en verzadiging. Je wist niet dat je spanning in je brein veroorzaakte door jezelf eten te verbieden, waardoor je verlangen naar eten groter werd. Je wist nog niet dat je lichaam actief afkeuren, afwijzen en ervan walgen je verlangen naar eten groter maakt.
Dus is het niet eerlijk om te zeggen: ik verdien nu geen vriendelijkheid en respect. Kun je dat zien? Want dat is wel waar. Denk daarover na. Jij beslist uiteindelijk. Maar als jij in je leven geen eetprobleem wilt ontwikkelen, dan is het veilig maken van het contact tussen jezelf en je lichaam, precies zoals jij dat met die pup zou doen, essentieel. Het is iets wat je zult moeten leren.
Hoe kan ik iets wat ik niet mooi vind, want dat is dan op dit moment jouw waarheid dat je iets niet mooi vindt aan je lijf, hoe kan ik nog steeds ervoor zorgen dat ik me veilig voel bij mij in dat pashokje, in mijn bikini, in dat zwembad, onder de douche, bij het aan- en uitkleden? Dat is een verantwoordelijkheid, net zoals veilig door het verkeer gaan, wat bij jou ligt.
Als je nu denkt: ja, maar pas als ik ben afgevallen, dan kan ik dat doen, dan kom je daar nooit. Omdat het in stand houden van die negatieve onveiligheid die je creëert in dat pashokje of bij dat aan- en uitkleden maakt dat je verlangen naar eten groter wordt. Dus pas zeggen tegen jezelf: ik ga mijn lichaam pas mooi vinden als dat vet eraf is, gaat niet voor je werken.
Wat ik je nu heb verteld, wat ik je nu heb laten zien, is ingewikkeld en je hebt tijd nodig om al die verschillende onderwerpen die ik heb besproken, om daar je weg in te vinden. Wat heel belangrijk is, is dat je ouders dat respecteren en jij dat respecteert. Je verdient geduld. Je verdient ruimte. Je verdient ruimte om dit allemaal te gaan ontdekken. Daar kunnen een aantal jaren, daar kun je tijd voor nodig hebben.
Het zal niet in het tempo gaan wat jij misschien wilt. Daarmee zeg ik niet dat je je jarenlang overgewicht zult hebben. Dat weet ik niet en dat weet jij ook niet. Maar ik weet wel dat het willen fixen van: het moet er nu af, dit gewicht, dat vet moet er nu af en ik wil dat nu opgelost hebben en die walging van mijn lichaam wil ik nu opgelost hebben door dat vet zo snel mogelijk eraf te krijgen, dat dat niet de route is.
Het ontwikkelen van een omgang met eten waarin je jezelf helemaal begrijpt, je brein helemaal begrijpt, je lijf helemaal begrijpt, de relatie met je lichaamsbeeld, dat spiegelbeeld en het kijken naar je lichaam en de spanning die kan overslaan op eten als daar veel negativiteit op zit, om die te gaan begrijpen heb je tijd voor nodig.
Daarom ga ik nog iets zeggen over je ouders, die hier misschien naar luisteren of naar jou luisteren als jij het hier over hebt met ze. Als jullie mooie kwetsbare gesprekken voeren over emotie-eten en wat zij doen met hun lastige gevoelens: ouders willen niet dat hun kind pijn heeft. Ouders willen dat hun kind happy is. Ouders willen, als ze het zouden kunnen, het liefst alles voor je fixen. Dat is niet de bedoeling.
Zij hebben recht op hun zoektocht in hun leven en jij hebt ook recht op je zoektocht in je leven. Het is heel belangrijk dat je ouders je die zoektocht gunnen en niet jou zo snel mogelijk willen fixen, en jouw omgang met eten fixen, en je lichaam fixen, omdat ze denken dat jij dan blij zult zijn en dus kunnen zij zich dan beter voelen. Want dat is wat er dan eigenlijk aan de hand is.
Het is aan je ouders om te respecteren dat elk mens zijn eigen zoektocht heeft in het leven. Als jij iets uit te zoeken hebt met je lijf, iets uit te zoeken hebt met eten, dan is dat jouw opdracht, waar je misschien niet voor hebt gekozen, maar het is er nu. Ruimte en geduld en respect voor die zoektocht is een prachtig geschenk wat ze jou kunnen geven.
Intussen mogen zij hun eigen gevoelens van getuige zijn van jouw zoektocht hierin in zichzelf gaan oplossen. Want dat hoort bij hun en niet bij jou. Dus als zij het moeilijk vinden om te zien dat jij in een negatieve bui een zak chips opentrekt, is dat niet het moment om zich met jou te gaan bemoeien omdat zij dat moeilijk vinden om te zien.
Praten over hoe je met eten omgaat is nooit een goed moment als je aan het eten bent of net met elkaar aan tafel gaat. Voer dat gesprek alleen daarbuiten. Het liefst ook alleen op jouw eigen initiatief. Als jij denkt: nu wil ik het er wel weer eens over hebben. Ze kunnen wel af en toe vragen aan je: zal ik het er weer eens over hebben? Ik denk dat ik je nog steeds zie struggelen. Hoe zit het daarmee? Maar niet als je aan het eten bent.
Waarom niet? Kom maar weer bij het allereerste onderwerp wat ik voor je besprak: omdat je dan spanning voelt met eten. Zodra mijn moeder aan mij vroeg: weet je zeker dat je dat wilt eten? Waarom eet je dat? We gaan straks aan tafel. Wat voelde ik dan? Ik doe het nu niet goed. Ik zou dit nu niet moeten eten. Ik zou dit nu niet moeten pakken. Dus wilde ik twee keer zoveel dan wat ik net had gepakt. De spanning veroorzaken met eten gebeurt ook door commentaar te geven op wat je eet.
Ik heb je heel veel advies gegeven over een heleboel verschillende onderwerpen en ik hoop dat je niet voor een dieet kiest. Ik hoop dat als de huisarts zich zorgen maakt over je gewicht, dat je huisarts ook naar deze aflevering luistert. Het is de allerbelangrijkste reden waarom ik ooit deze podcast ben gaan maken, omdat het feit dat spanning tussen jezelf en voedsel je verlangen naar eten groter maakt, nog niet algemeen bekend is.
Er zijn zoveel volwassenen die een positie hebben van advies geven, van begeleiden, van autoriteit, die gewoon nog steeds spanning tussen jou en eten veroorzaken. Zij zullen echt moeten leren wat ik net in deze aflevering heb uitgelegd, om daarin beter te kunnen komen opdraven, om daarin meer voor jou te kunnen betekenen en je niet juist in de problemen brengen.
Laat me weten wat je van de aflevering vond. Je kunt deze podcast vinden op Spotify en op Apple Podcasts en daar kun je een review achterlaten. Ik hoor het heel graag. Op YouTube kun je ook een comment achterlaten. Ik heb de aflevering met heel veel liefde gemaakt en ik wil je natuurlijk een eetprobleem in je leven besparen. Dit heeft je in ieder geval de allerbelangrijkste inzichten daarover gegeven. Ik ben er volgende week weer. Ik wens je een mooie dag. Tot dan.
Je hebt geleerd om eten te beheersen. Maar vrijheid voelt anders. Vrijheid is luisteren naar je lichaam, je verlangens en waarheid. Het is stoppen met vechten en beginnen met begrijpen.
Dit zijn jouw etenslessen. Geen regels die je moet volgen, maar ontdekkingen die je mag doen. Als eten een worsteling is, is er iets in jou dat gehoord wil worden.
Overeten is de rook – niet het vuur. In mijn boek neem ik je mee in een nieuwe omgang met eten.