Als je verkouden bent of grieperig, kan je troost zoeken in eten om het ongemak waar je doorheen gaat te verzachten. Hoe kan je dit patroon van overeten loslaten? Wat is je alternatief en wat maakt het de moeite waard om ook dit uit je systeem te krijgen? Ik neem je mee in mijn eigen ervaring. Als je nu ziek bent wens ik je beterschap en als je dat nog wordt, geef ik je alvast het recept voor ziek zijn zonder overeten.
Je luistert naar Etenslessen, de podcast met Marjena Moll. En dit is aflevering 301, de podcast over afvallen zonder dieet en het creëren van een geweldige relatie met eten.
Overeten als je ziek bent. Hoe doe je dat? Ik heb het net gedaan. Ik ga het je vertellen.
Hallo, hoe is het? Hoe gaat het met je? Misschien ben jij nu net ziek. Het is het griepseizoen, het verkoudheidsseizoen en ja, dat kwam ook bij mij aan de deur aankloppen. En ik dacht, hey, waarom ben ik hier doorheen gezeild zonder overeten? En is het niet interessant om daar een aflevering over te maken? Want misschien lig jij nu ziek op bed of lig je straks ziek op bed en weet je niet waar je te zoeken moet en zegt een stem in je hoofd: pak wat lekkers. Je bent een beetje zielig. Verwen jezelf een beetje. Je moet ook aansterken. Je moet op krachten komen, enzovoort.
Terwijl je weet, ja, maar over 10 minuten denk ik dat nog een keer. En over een uur denk ik dat nog een keer. En ik wil niet de hele dag lopen eten. Als je niet te ziek bent, als je heel ziek bent, hoge koorts en als een balletje in je bed ligt, dan denk je niet aan eten en dan is dit niet aan de orde en speelt dit geen rol. Maar het speelt wel een rol als je alleen veel last hebt van malaise. En daar had ik last van. En ik was niet zo ziek. Ik heb geloof ik maar 1 dag koorts gehad.
En ik neem je mee in een paar van de stappen die je misschien zal herkennen en waar je misschien straks wat aan hebt als je een paar dagen ziek thuis bent. Malaise betekende voor mij de afgelopen dagen dat niks goed voelde. Wat ik ook deed om mezelf wat comfort te geven, niets voelde goed. In de tuin zitten was te heet, de zon scheen te fel op mijn gezicht. Daar was ik te gevoelig voor, dat was onaangenaam. Dus de tuin was niet lekker. Onder de douche voelde ik me te moe voor.
Onder de douche kwam ik niet echt van bij. Ik kreeg ook steeds de rillingen ervan. Was niet lekker. Een wandelingetje maken, even naar buiten, even die frisse neus halen. Ik keek ernaar uit om meer naar huis te kunnen en terug mijn bed in, want ik voelde me daar eigenlijk te slap voor. Een film kon mijn aandacht niet vasthouden, niets boeide me, niets hield mijn aandacht vast en een boek werd ik al na een paar bladzijden weer te moe voor. Kortom, wat ik ook deed… Oh ja, in een lang gesprek met een vriendin had ik weer de energie niet voor, dus waar ik mijn comfort ook zag, niks voelde goed.
Keelpijn, verstopte neus, alles een beetje gevoelig, gevoelige spieren in je lijf, dan weer koud, dan weer warm. Allemaal onaangenaam. Kortom, zeven varianten van ongemak. En niets matchte, niets sloot daarop aan en niets bracht echt verlichting. En ik vroeg me af, waarom overeet ik nu niet? Want er is wel degelijk een deel van mij wat af en toe zegt: pak wat, eet wat, neem wat. Vroeger zou dat ook zeker mijn vorm van comfort zijn geweest waar ik op was terug gevallen. Het was een van de dingen waar ik nadat ik ziek was geweest altijd toch met een zeker ongenoegen op terugkeek, omdat ik zoveel meer had gegeten dan nodig was, dan waar mijn lichaam om vroeg, dan prettig voelde in mijn lichaam en waarvan ik wist dit helpt niet om aan te sterken.
Dit is een belasting voor je lijf, wat al zo hard aan het werken is om dat virus eruit te krijgen. Dus waarom doe je dat nou? En dit is het eeuwige dilemma met overeten. Als je daar vanaf wil komen. Aan de voorkant lijkt het een goed idee en voelt het fijn en kan je je ergens op verheugen, zelfs als het niet eens zo lekker smaakt, omdat je minder smaak hebt, minder smaakbeleving hebt of voelt als je verkouden bent en toch is er iets wat in je zegt: ik wil lekker warme toast met dit en dat erop.
En dit is helemaal niet fijn voor mijn lijf en dit helpt me niet. Dus aan de voorkant lijkt het een goed idee en aan de achterkant denk je, ach, waarom deed ik dat nou? Ik stap daar niet meer in. Ik doe dat niet meer. En ik vroeg me af voor deze aflevering en waarom dan niet? Wat maakt nou dat ik liever die zeven ongemakken tegenkom waarbij niks prettig voelt? Wandelen, lezen, film kijken, bellen met iemand, in de tuin zitten, onder de douche staan. Niks voelt goed.
En de reden die ik kan vinden die goed voor me werkt en misschien ook voor jou kan werken, is het feit dat ik zoveel jaren alles met eten heb toegedekt, afgedekt, verzacht, eten steeds als een dekentje gebruikt om over me heen te trekken als ik een ongemak tegenkwam, dat ik uiteindelijk kon zien: ik weet niet wie ik ben zonder overeten in mijn leven. Ik ken mezelf niet zonder dit gedrag. Zonder dit laagje in de relatie met mezelf waarbij ik steeds opnieuw iets doe waar ik achteraf ontevreden over ben. Ik wil ja zeggen tegen een leven waar ik dit uit heb gehaald. En ik kan er alleen achter komen wie ik ben zonder overeten in mijn leven als ik ja zeg tegen alles wat ik daarin tegenkom.
En ook hiervan wilde ik geloven dat het mij iets positiefs komt brengen als ik me dit eigen maak. Als ik ziek kan zijn zonder overeten. Zonder eten voor de troost, want dat speelt er ook vaak in. Als je als kind lekker, althans dat mocht ik dan als ik een kinderziekte had, dan mocht ik met mijn dekbed op de bank in de woonkamer in mijn pyjama liggen zodat ze me een beetje in de gaten konden houden. En dan werd mijn dienblad gebracht met tomatensoep. En dan voelde ik me een beetje verwend. Dan voelde ik me getroost. En die troost zat met name op dat dienblad.
En dus is ook als ik ziek ben een deel in mij wat zich herinnert. Hé, daar vind je wat troost. Daar vind je wat comfort. Daar vind je wat verzachting. Maar ik kon natuurlijk ook zien en jij ook als je dit gedrag herkent van overeten als je ziek bent, is dat de verlichting die je voelt maar heel kort duurt. 10 minuten later is het op, ben je terug bij af. En ga je het nog een keer halen, ga je het nog een keer pakken. 10 minuten later ben je weer op diezelfde plek.
Dus de verzachting die je voelt, de verlichting die je voelt, duurt maar heel erg kort. En daarna heb je herhaald wat je altijd hebt gedaan. Ik wilde mezelf leren kennen zonder overeten in mijn leven en weten wie ik ben zonder dit gedrag. En ook hiervan wilde ik kunnen zeggen: ik heb me dit eigen gemaakt. Ik heb dit geclaimd. Ook dit heb ik van mezelf leren kennen. Ook hierin kan ik mezelf dragen. En ik kan dat nu als een vaardigheid in mijn rugzak steken.
Ik kan zeven vormen van ongemak tegenkomen, een dag lang, alleen, met mezelf en daar allemaal ja tegen zeggen. Me daartoe verhouden. En wat brengt me dat? Wat levert me dat op? Op dat moment beslist geen goed gevoel. Het is op dat moment alleen maar een oefening in ongemak. Die een hele dag duurt. Terwijl, en dat krijg je er ook bij, ik weet niet of je dit herkent, maar als je zwak bent, verzwakt bent, is vaak ook de kwaliteit van je gedachten wat verzwakt. De kwaliteit van je gemoed ook wat verzwakt.
Je lijf is in een mineur. Je gemoed is in een mineur. De kwaliteit van je gedachten is in een mineur. En dan zeven vormen van ongemak tegenkomen waarin je probeert wat voor jezelf te verzachten en niets werkt. Ik geloof, als ik naar mezelf toe beweeg en me afvraag waarom overeet je dan niet op zo’n dag, dan is het omdat ik ook hier mijn voet op wil kunnen zetten, ook hiervan wil ik kunnen zeggen: en ook dit kan ik. Ook dit heb ik van mezelf leren kennen. Ook dit is een vaardigheid die ik in mijn rugzak kan steken en dat brengt me iets. Het brengt me iets als ik mijzelf in elke vorm van ongemak weet te verhouden tot wat ik daarin tegenkom, zonder dat ik zoek naar een vluchtmiddel.
En op dat moment pluk ik daar geen vruchten van. Op dat moment onderga ik dat alleen maar, bereidwillig. Het is mijn eigen vrije keuze om dat te doen. Ik onderga het omdat ik daarvoor kies. En op dat moment geeft me dat geen goed gevoel. Op dat moment voel ik daar geen trots bij, of inspiratie, of vreugde, enthousiasme. En Ik benoem dat omdat dat zo vaak met elkaar wordt verward. Er wordt zo vaak in de coaching, merk ik, in mijn programma verwacht dat als je weet waarom je niet wilt overeten, je dat een dosis inspiratie en kracht geeft die je in het moment van je ongemak kan voelen.
Ik ontdekte in het oplossen van overeten dat het voor mij betekende dat ik heel erg goed werd in mijn ongemakkelijk voelen. In mijn rot voelen. Dat was eigenlijk de taal die ik er toen voor mezelf voor gebruikte. Iedere keer als ik merkte dat ik aan mezelf wilde ontsnappen en eten, was het omdat ik eigenlijk weg wilde bij een negatief gevoel. En daar kon ik niet vrolijk, geïnspireerd, vol enthousiasme en optimisme doorheen bewegen. Want dan is dat geen ongemak meer.
Goed worden in je rot voelen betekent juist dat je niet in verzet gaat en dat je daar bent, mee bent, in bent, zonder eraan te willen ontsnappen.
Je bent er alleen van overtuigd dat het is wat je wil. En waarom je dat wil kan een hele goede reden zijn die op dat moment weliswaar een goede reden is, maar niet voelbaar is. Niet tastbaar is. In de malaise van al die dingen die ik uitprobeerde en niets voelde goed, niets was fijn, had ik een hele goede reden om niet te willen overeten, om het niet te doen, niet naar eten te grijpen, maar dat voelde niet geïnspireerd of vrolijk of bekrachtigend. Er was alleen maar het zijn met die zeven vormen van ongemak die elkaar afwisselden. En wat geloof ik daar nu over, aan de andere kant daarvan?
Ik heb mezelf niet belast met eten waar het niet om volg, ik heb voedsel kunnen kiezen wat mij ook echt goede brandstof gaf en mijn immuunsysteem goed ondersteunt, Dat zijn allemaal fijne dingen die ik kon doen. Maar ook die gaven op dat moment geen kracht of inspiratie of een fantastisch gevoel. Er was echt alleen maar malaise.
Maar dit is wat ik geloof. Goed zijn in je rot voelen, in zeven vormen van ongemak, een volle dag lang, met een lage moed en een lage energie en een lage kwaliteit van gedachten, is een vaardigheid die ik meeneem daarna waarin ik situaties kan tegenkomen die ook ongemakkelijk zijn. Situaties van omstandigheden die ik niet zelf kan controleren, maar die gewoon naar me toe komen.
Problemen weten je te vinden, problemen komen naar je toe, obstakels, ongemakken, dingen die kapot gaan, die kwijtraken. Ik kan nu van alles gaan verzinnen, maar je hoeft alleen maar naar je eigen afgelopen maand te kijken, dan kan je vast wel een probleem aanwijzen wat je tegenkwam. Als je goed was, goed wordt, in het oefenen van ongemak, in je verhouden tot een ongemak wat er is, zoals je dat tegenkomt als je ziek bent, weet ik inmiddels at dat jou zelfvertrouwen geeft. Het vertrouwen van hé dit ken ik, dit gevoel ken ik, Ik ben vertrouwd met ongemak, mijn verhouden tot ongemak.
En dat kan een hele dag duren en in zeven varianten voorbij komen. I’ve got this. Ik heb erin geoefend. Het is van mij. Ik heb me dat eigen gemaakt. En dat is wat ik bedoel met ergens je voet op kunnen zetten en zeggen: en ook dit wil ik kunnen. Ook dit wil ik van mij maken. Liefdesverdriet. Van mij.
Alles wat je associeert met daar zou ik liever niet naartoe willen’, zet er juist je voet op. Zet er juist je voet op en besluit dat je ook dit van jezelf wil leren kennen. En wat er dan cumulatief, hoe zich dat stapelt in jou, hoe al die vaardigheden, al die ongemakken waar jij je voet op hebt gezet en waarvan je hebt besloten, ook dit wil ik kunnen voelen en wil ik me toe kunnen verhouden zonder eten. Hoe meer je dat laat stapelen in jezelf, in je vaardigheden, hoe meer zelfvertrouwen je bouwt. Hoe meer je recht oploopt in je leven en je goed kan voelen over wie je bent en wat je aan jezelf hebt. Op elk moment.
En een van de dingen die ik daarin zie, waar ik ook veel op coach, is dat je dit onafhankelijk maakt. Vrij maakt. Het is leuk als mensen je bevestigen, als ze je waarderen, als ze graag bij je zijn, als ze je complimenten maken. We zijn een sociale soort, we vinden dat allemaal heerlijk. Maar je hebt ook van binnen een zelfvoorzienend systeem gebouwd. In al deze ongemakken die je hebt gestapeld, waar jij je voet op hebt gezet en van hebt besloten, Ook dit stuk van mezelf wil ik claimen, wil ik mezelf intiem in leren kennen. En van mij maken, wat jou heel onafhankelijk en vrij maakt. Je kunt jezelf zo goed waarderen en liefhebben en vertrouwen. Je staat zo stevig op eigen benen.
Niet in dat moment zelf, niet terwijl je door die malaise gaat. Maar het komt daarna bij je terug. En dat vind ik zo bijzonder daaraan. Dat vind ik zo mooi. En waar ik vroeger als jong meisje dacht, als ik er nou maar eenmaal zo en zo uitzie, toen hing ik dat nog op aan een bepaalde kledingmaat of een bepaald gewicht. Of ik heb je dit geloof ik nooit verteld.
Ga het gewoon vertellen. Ik was vroeger zo geobsedeerd door dun zijn en ik had een vriendje. Ik zal zijn naam niet noemen, maar hij weet wie hij is. Mijn eerste vaste vriendje. En die had thuis een enorme Playboy verzameling. Grote stapel Playboys. En ik was een keer op hem aan het wachten. Ik was toen, geloof ik, 16.
Bij hem thuis op hem aan het wachten. Misschien was hij nog naar een sporttraining. Hij sportte heel veel. Ik was al bij zijn ouders. En ik zat op zijn kamer op om te wachten en de tijd wat te doden. Toen ben ik door die hele stapel playboys gegaan… Om van al die centerfolds met pen en papier te noteren wat hun maten waren.
En ik dacht echt oprecht, en ik kan dat ook met heel veel liefde zeggen voor dat meisje wat ik toen was. Ik dacht echt dat ik daarmee iets kon gaan voelen in mezelf, wat ik niet kon voelen, waar het me aan ontbrak en waarvan ik echt geen idee had wat het was.
Maar omdat de invloed van die centerfolds, dat was toen in het kader van de jaren 80 waarin ik leefde, was het idee, het objectiveren van vrouwen, van meisjes en de invloed die ze hebben via hun uiterlijk en hoe ik dat ook in de cultuur om me heen heel erg gespiegeld kreeg en continu gevoed kreeg, zowel van de vrouwenkant als van de mannenkant, was het helemaal niet zo vreemd dat ik dacht dat het hebben van een bepaald figuur mij aan de binnenkant kon fixen.
Dus dat ik via de buitenkant mijn binnenkant kon fiksen, en ik denk dat dit voor een heel belangrijk deel allemaal onbewust was, maar nu achteraf kan ik het aanwijzen en zeggen daar ging het over. En waar het werkelijk vandaan komt, wat mij aan de binnenkant laat voelen, wat ik projecteerde op een buitenkant, is dit waar we het net over hebben gehad. Als je ziek kan zijn, niet ziek genoeg om als een balletje alleen maar de hele dag te slapen. Daar ben je dan te beter voor, maar je bent ook te zwak om je lekker te kunnen voelen.
Dan bouw je precies dit. Dat wat je projecteert op dat ideale lijf van waar je denkt dat het jou helemaal kan fixen, dat bouw je dan aan de binnenkant. En wat zo leuk is, is dat je zo mooi eigenlijk in het helen van je relatie met eten en daarmee het helen van de relatie met jezelf. Je bouwt precies dat wat je ook nodig hebt om overeten niet meer nodig te hebben. Waardoor je er uiteindelijk uitziet zoals dat lijf waar van je ooit dacht dat het je kon fixen. Bijzonder he? Ik heb een fantastisch lijf, wat altijd buiten mijn bereik bleef, toen ik nog dacht dat ik eerst dun moest worden om me goed te kunnen gaan voelen. En nu ben ik fit en vitaal en gezond en zelfverzekerd en vol zelfvertrouwen.
Maar niet omdat ik bleef kijken naar een lijf wat ik wilde nastreven, maar omdat ik wilde ontdekken wie ik was zonder overeten in mijn leven. En ik ben benieuwd hoe dat voor jou is, wat jij hierin wil. Wie wil jij ontdekken dat je bent? En op welke delen van jezelf wil jij je voet nog zetten waarvan je merkt, oh, daar loop ik altijd weg. Dan pak ik altijd iets te eten. Dit stuk wil ik nog niet aan. Ik zeg: zet er je voet op. Zet er je voet op. Maak het van jou.
Het komt later en het stapelt. Het wordt alleen maar meer. En dat maakt ouder worden daarmee ook alleen maar leuker. Omdat het steeds fijner wordt om jou te zijn. Steeds steviger.
En steeds met meer vertrouwen. Steeds zelfverzekerder. Als dat een verbuiging is die bestaat. All right, dat wilde ik tegen je zeggen. Doe er je voordeel mee. Beterschap, als je nu ziek bent, ik ben je voorgegaan. Je kan dit. Onderzoek die zeven vormen van ongemak.
Probeer het allemaal uit. Misschien zit er iets tussen wat voor jou wel gaat werken. En ik ben er volgende week weer. Tot dan!
Je hebt geleerd om eten te beheersen. Maar vrijheid voelt anders. Vrijheid is luisteren naar je lichaam, je verlangens en waarheid. Het is stoppen met vechten en beginnen met begrijpen.
Dit zijn jouw etenslessen. Geen regels die je moet volgen, maar ontdekkingen die je mag doen. Als eten een worsteling is, is er iets in jou dat gehoord wil worden.
Overeten is de rook – niet het vuur. In mijn boek neem ik je mee in een nieuwe omgang met eten.