Emotie-eten is soms een reactie op meerdere gevoelens die tegelijk of afwisselend door elkaar lopen. Het lukt je niet om jezelf daarin op te vangen en je eet om te verdoven wat je voelt. Angst voor conflict is hier een goed voorbeeld van. Boosheid en angst lopen door elkaar. Als je dit herkent is deze les voor jou. Ik schijn het licht op dit onderwerp en geef je een aantal waardevolle inzichten en vragen waarmee je dit patroon kan veranderen.
Herstel in je omgang met conflict is mogelijk en dat voelt fantastisch. Niet alleen omdat je dan niet meer overeet, maar ook omdat je in staat bent om jezelf een stem te geven in spannende situaties. Alles wat je daarbij voelt, zowel vooraf, tijdens als na een spannend gesprek kan je dragen en dat is een grote bevrijding!
Soms lopen meerdere emoties door elkaar en spelen ze allebei een rol in de oorzaak van emotie-eten. Angst voor conflict is daar een goed voorbeeld van. Zowel boosheid als angst lopen door elkaar heen, en je weet er nog geen weg mee te vinden zonder jezelf te verdoven met eten.
Soms kijk ik naar moeilijke lessen in mijn ondernemerschap en merk ik dat het in een ander jasje precies dezelfde lessen zijn die ik ooit aankeek in mijn relatie met eten. Het oplossen van overeten liet mij een aantal etenslessen zien die ik nu opnieuw aankijk in mijn relatie met ondernemen en het ontwikkelen van mijn ondernemerschap. Ik zie dat ik sneller en gemakkelijker door de leercurve ga, dankzij al het werk dat ik eerder deed in mijn relatie met eten en in het oplossen van overeten. Daar zal ik binnenkort vast meer over vertellen. Het is fascinerend hoe dat zich opnieuw laat zien.
In deze les gaan we het daar niet over hebben. Ik wil met je kijken naar een onderwerp waar ik laatst op heb gecoacht, wat ik zelf in het verleden veel heb moeten aankijken, en waar veel mensen in mijn programma tegenaan lopen: angst voor conflict, en emotie-eten dat daaraan gerelateerd is. Ik beantwoord een aantal vragen, laat je zien hoe ik daarnaar kijk, en hoe je jezelf kunt helpen bij het oplossen van dit emotie-eten.
Angst voor conflict draagt twee emoties in zich. Er is de angst die je voelt, en er is de spanning rondom conflict waar de emotie van boosheid of woede in zit. Door deze mengeling, door je omgang met boosheid (van jezelf of van de ander) en het voelen van angst, zit er in jouw patroon uiteindelijk het gedrag van overeten.
Doordat hier meerdere lagen in zitten, helpt het om die lagen uit elkaar te halen en te zien: waar kijk ik nu eigenlijk naar, en wat vraagt dit van mij? Als ik het emotie-eten hier wil uithalen, waar hebben we het dan precies over?
Om daarmee te beginnen, kijken we eerst naar de definitie van conflict. Een conflict ontstaat als ideeën, belangen of behoeften met elkaar in tegenstelling zijn. Wat jij vindt, wilt of nodig hebt, contrasteert met wat de ander vindt, wil of nodig heeft.
Ik bespreek dit onderwerp nu niet in de breedste zin, zoals conflict in de maatschappij of in een discussiepanel, maar het huis-, tuin- en keukenconflict: waar dit zich voor jou het meest laat zien. Misschien ook op je werk, maar ik kan me voorstellen dat je het vooral tegenkomt in je gezinssituatie of in de familiesfeer. Binnen die context bespreek ik het.
Als je dit contrast tegenkomt, is het interessant om er op deze manier naar te kijken. In de kern is een conflict, als je het tegenkomt, een situatie waarin je elkaar of jezelf beter leert kennen. Als je merkt dat je zelf boos wordt, kan dat een verrassing zijn: je wist niet dat je boos zou worden. Het is dan ook een moment waarop je jezelf beter leert kennen, als het nieuw voor je is.
Deze manier om ernaar te kijken neutraliseert de situatie enigszins. Mensen die conflictvermijdend zijn, worden namelijk wel warm van het idee “laten we elkaar beter leren kennen”. Je streeft naar harmonie, je wilt het liefst harmonie, je wilt het liefst een veilige nabijheid ervaren. Als je conflict op deze manier voor jezelf kadert en zegt: dit is interessant, in de kern is een conflict een situatie waarin je elkaar of jezelf beter leert kennen, dan zie je dat alleen de manier waarop dit gebeurt naar buiten komt langs de emotie van boosheid.
Als je opgroeit in een conflictvaardig gezin, is er voldoende emotionele volwassenheid aanwezig om elkaar niet de schuld te geven van de woede die je voelt, en om die woede kenbaar te maken zonder agressie en zonder woorden die ondermijnend of destructief zijn voor de relatie. Er wordt niet geprobeerd om elkaar moedwillig pijn te doen.
Als je in zo’n gezin opgroeit, heb je ook de veilige ervaring gehad dat mensen die boos worden, daar eigenaar van zijn. “Ik ben boos, en ik ben verantwoordelijk voor de manier waarop ik met anderen omga.” Dat betekent dat als je zelfbeheersing verloor, of de sfeer flink beïnvloedde met de energie van je boosheid, je het belangrijk vindt om daarna naar voren te stappen en te zorgen voor reparatie en herstel. Je zegt dan bijvoorbeeld: “Vanmorgen ging het niet helemaal zoals ik het liefst had gewild. Ik schoot uit mijn slof. Zullen we het daarover hebben? Er werd iets in mij geraakt, en ik zag dat er ook in jou iets werd geraakt. Laten we uitpraten wat er nou eigenlijk gebeurde. Waar was het mij om te doen, en waar was het jou om te doen?”
Afhankelijk van de escalatie van het conflict kan dat soms ook al tijdens de situatie zelf gebeuren, waardoor de gemoederen al wat zakken, omdat de manier waarop je op elkaar reageert direct uitnodigt tot: laten we kijken of we elkaar beter kunnen begrijpen, zullen we opnieuw beginnen, wat zit je dwars? Soms kan dat niet: soms ben je op dat moment te boos en te veel in je emotionele brein om rationeel naar voren te stappen in de communicatie. Maar in een conflictvaardig gezin worden daarbij geen grenzen overschreden, en zeker niet structureel, waardoor je vertrouwd raakt met de veiligheid van boosheid. Conflict boezemt je dan geen angst in.
Waar je die ervaring niet hebt gehad, waar je niet in een conflictvaardig gezin opgroeide, kun je daar een harmoniefantasie aan overhouden. Dat is de term die ik daarvoor bedacht heb. In een harmoniefantasie geloof je dat conflict kan worden voorkomen als jij maar genoeg je best doet om je eigen boosheid eronder te houden, en die van de ander niet te activeren. Dat was misschien ook de rol die je als kind op je nam: je probeerde ervoor te zorgen dat je de dingen niet nog erger maakte door zelf ook boos te worden, en je liep op je tenen om te voorkomen dat de ander boos werd.
Het werkt niet. Dat percentage is heel laag, want je ziet dat je overeet om je eigen boosheid in te kunnen slikken, of dat je overeet om je angst voor de boosheid van de ander te verdoven. Je probeert jezelf in je functioneren zo op te stellen dat je zelf niet boos wordt, en je doet er alles aan om te voorkomen dat de ander boos wordt. Misschien vind je zelfs dat die ander ook heel hard moet werken om te zorgen dat hij zelf niet boos wordt, en om te zorgen dat jij nergens boos over wordt.
Maar als je teruggrijpt naar de definitie, zie je dat conflict eigenlijk een moment van kennismaking is: een diepere kennismaking, een uitnodiging tot meer begrip van elkaar langs de emotie van boosheid. Er zit dus waarde in. En je kunt zien dat het onmogelijk is om ervoor te zorgen dat je altijd hetzelfde vindt, wilt en nodig hebt als de ander. Je verandert in de loop van je leven, de omstandigheden om je heen veranderen, de ander verandert. Wil je met elkaar kunnen blijven groeien, dan kom je dit contrast tegen: wat jij vindt, wilt en nodig hebt, contrasteert met wat de ander vindt, wil of nodig heeft.
Zolang je nog vasthoudt aan je harmoniefantasie en geen ontwikkeling doormaakt in je angst voor conflict, merk je vaak een stil verwijt na een conflict, of na de dreiging van conflict. Het hoeft niet eens tot een conflict te komen: jouw angst werd al geactiveerd, en het verdoven van die angst met eten heeft al plaatsgevonden. Je voelt vaak een stil verwijt, omdat je de ander ergens kwalijk neemt dat jij bent gaan eten uit angst. Maar dat durf je niet uit te spreken, omdat je daarmee opnieuw conflict riskeert. Dus je zegt niets, je trekt je terug, je overeet, en daarna ben je boos op de ander zonder dat uit te spreken, want dat durf je niet aan.
Dat was in ieder geval iets wat ik vroeger deed als manier om toch wraak te kunnen nemen: koud en afstandelijk worden, en ontkennen dat er iets was. Het was mijn onvolwassen, verwrongen manier om met mijn eigen boosheid en mijn angst voor conflict om te gaan. Ik durfde het niet aan te gaan. Ik durfde niet eerlijk te zijn over mijn gevoel, over mijn boosheid, over mijn angst. Dus zocht ik op deze manier dekking. Eerst ging ik overeten. Daarna was ik boos op de ander: als jij je niet zo had gedragen, was ik niet bang geworden en gaan eten. En in de kern was ik natuurlijk het meest boos op mezelf.
Wat ik meestal zie, is het verwijt dat je bang was. Mensen die bang zijn voor conflict nemen zichzelf dat vaak kwalijk, omdat ze vinden dat ze assertiever zouden moeten kunnen zijn, maar dat nog niet zijn, en daar een oordeel over hebben. Je bent dan boos op jezelf, vindt jezelf misschien een angsthaas, vindt jezelf onvoldoende assertief. Daarbovenop heb je een oordeel over het feit dat je bent gaan eten om die emotie, om je gebrek aan assertiviteit.
Zo vindt er een stapeling plaats: het verwijt naar de ander dat je niet uitspreekt, het verwijt dat je jezelf maakt omdat je niet assertief genoeg bent, het verwijt dat je jezelf maakt omdat je angst voelt, en het verwijt dat je jezelf maakt omdat je bent gaan eten. Als je deze stapeling niet uit elkaar haalt, en je relatie met elk van deze laagjes niet verandert, blijft dit een hardnekkig patroon. Het keert steeds terug in de mate waarin je last hebt van emotie-eten, omdat je harmoniefantasie niet werkt. Zolang je daaraan vasthoudt, blijf je overeten uit angst voor conflict.
Allereerst pleit ik voor het idee om je harmoniefantasie los te laten. Het is niet realistisch om conflict te allen tijde te willen voorkomen. Je hebt het nodig, je komt het tegen, daar waar jouw wens, mening of belang contrasteert met dat van de ander.
Als je overweegt die harmoniefantasie los te laten, kom je een belangrijke stap verder. Dan kun je kiezen voor een andere term die ik hiervoor bedacht: functioneel conflict.
Met het idee van functioneel conflict help je jezelf herinneren dat conflict een functie heeft. Het is niet slecht. Je bent niet slecht als je boos wordt, ook al doet dat de ander even pijn of bederft het de sfeer. Er is geen ontkomen aan. Conflict is functioneel daar waar mensen verantwoordelijkheid nemen voor het conflict, en zich niet alleen maar afreageren op het moment dat ze zich onprettig voelen over de situatie. Als je dat wel doet, verwijt je de omgeving, de situatie of de ander dat het niet gaat zoals jij wilt, en reageer je dat af. Dat is emotionele onvolwassenheid. In emotionele volwassenheid waardeer je de functie van conflict en neem je verantwoordelijkheid voor de manier waarop je erin opdaagt.
Bij functioneel conflict kunnen twee dingen gerealiseerd worden. Een conflict is functioneel als je daar samen beter uitkomt, als je elkaar daadwerkelijk beter leert kennen. Of, als dat niet mogelijk is, als jij jezelf in elk geval een stem hebt gegeven, jezelf hebt laten zien en laten kennen. Dat is wat je nu nog niet doet in dit patroon: je geeft jezelf nog geen stem.
Eén ding weet ik heel zeker, omdat ik het keer op keer zie in de coaching die ik hierop geef, en ook zag in mijn eigen zelfcoaching: daar waar je jezelf geen stem geeft, kun je niet jezelf zijn. Die zelfcensuur voelt zo pijnlijk dat het je zodanig in de weg zit dat je een uitvlucht zoekt. En die uitvlucht ziet er dan uit als het overeten dat je doet.
Bij het oplossen van dit stuk van emotie-eten kijk je onder ogen dat het echt tijd wordt om jezelf een stem te leren geven. Daar kunnen prachtige dingen uit voortkomen, dat kan ik je garanderen. Maar daarvoor heb je eerst nog een aantal stappen nodig, en die geef ik je nu.
Overweeg dus om je harmoniefantasie los te laten en te kiezen voor het idee van functioneel conflict, zodat je samen voor een betere uitkomst kunt gaan, of jezelf kunt laten kennen en jezelf een stem kunt geven. Dat is helend in de relatie met jezelf, is gezond, en maakt het mogelijk om emotie-eten als gevolg van zelfcensuur los te laten.
Wat je daarvoor nodig hebt, is een herwaardering van conflict, die ik je hierboven al gaf. Daarna heb je een aantal vragen nodig waarvan de antwoorden je helpen om de verschillende laagjes anders te hanteren. Je hebt nieuwe gedachten nodig, ook over je angst: welke gedachten maken mij eigenlijk bang voor conflict?
Denk aan blaffende honden. De een wordt heel angstig van een blaffende hond, de ander minder. Die hond doet precies hetzelfde, ziet er hetzelfde uit en maakt hetzelfde geluid. Maar hoe dat verschillend wordt ervaren, komt niet van die hond, maar van jouw gedachten over wat je waarneemt, jouw gedachten over het blaffen van die hond. Je hebt een angstrespons in je lichaam, en die gaat gepaard met een aantal gedachten over die hond.
Het is daarom waardevol om jezelf de vraag te beantwoorden: welke gedachten maken me bang als iemand boos is, of als deze specifieke persoon boos is? En welke gedachten maken me boos? Dan kom je bij het stuk dat gaat over wat jij vindt, wilt en nodig hebt, en dat contrasteert met de ander. Als je leert deze vragen voor jezelf te beantwoorden, stap je dieper in de intimiteit met jezelf, leer je jezelf beter kennen, en kan de ander jou ook beter leren kennen.
Hoe voelt woede eigenlijk in je lichaam? Als je de zelfcensuur eraf haalt en de energie van je woede leert aftasten en kennen, raak je vertrouwd met de sensaties in je lichaam. In mijn programma leer ik je bodyfulness: je raakt vertrouwd met de sensatie van woede in je lichaam, en met de sensatie van angst in je lichaam. Dat is bewustwording van die sensaties. Daarmee kijk je soms ook naar de cocktail van beide sensaties samen in je lichaam. Je kunt boos zijn én bang: eerst bang voor het conflict, dan merken dat je ook boos bent, en die twee komen elkaar tegen in een cocktail in je lichaam.
Dan heb je een goed gesprek met jezelf nodig over de betekenis die je ooit aan conflict hebt gegeven. Waarom is het zo slecht? Waarom koos je ooit voor die harmoniefantasie? Welke betekenis heb je aan boosheid gegeven, en welke betekenis heb je aan je angst gegeven? Je kijkt dus zowel naar de gedachten die je bang maken, de gedachten die je boos maken, als naar de betekenis die je aan de emotie zelf hebt gegeven.
Deze vragen helpen je om de verschillende laagjes voor jezelf uit elkaar te halen. Het begint bij de herwaardering van conflict, het neutraliseren ervan. Als je niet in een conflictvaardig gezin bent opgegroeid, zul je meer spanning voelen in die herwaardering en in het opnieuw trainen van je zenuwstelsel, om oké te zijn met de spanning van je angst en de spanning van je boosheid. Eerdere ervaringen vibreren daar doorheen.
Hierin heb ik duidelijk gezien dat er een beperking zit als er echt sprake is van systemisch trauma: opgroeien in een gezin waarin grenzen echt overschreden worden, waar dingen gezegd worden die destructief of ondermijnend zijn, waar gemoederen in korte tijd van 0 naar 10 kunnen opvlammen zonder dat er daarna reparatie en herstel volgt. Dan ben je onveilig opgegroeid, en is het aan jou om af te tasten waar je dit kunt hertrainen. Dat is wat mensen doen met de tools in mijn programma: jezelf, waar je conflictvermijdend was, conflictvaardig maken, en jezelf uitnodigen om daarin een ontwikkeling door te maken.
Soms zit er een beperking waar je, met alle tools van coaching en zelfcoaching en wat je misschien eerder al in therapie hebt besproken, niet verder komt. Dan heb je een interventie nodig die niet via je cognitie hoeft te lopen: niet praten en kijken naar je eigen denken erover, maar een interventie waarbij dat niet nodig is. Ik heb zelf EMDR gehad en kon daarmee voor mezelf een verschil maken waar de tools van coaching en therapie niet toereikend waren.
Ik zeg dit heel opbouwend: ga ervan uit dat er heel veel mogelijk is. Waar je merkt dat je met alles wat je hebt ingezet onvoldoende progressie boekt, terwijl je het wel echt hebt ingezet (er niet alleen over gepraat, maar echt getraind, geoefend, aangekeken en opnieuw aangekeken over een langere periode), kan er echt een plafond zitten. Ik ben geen therapeut, dus ik zeg dit met een slag om de arm, maar wat ik zelf heb waargenomen, is dat trauma je lichaam als het ware voor is.
Als je lichaam besluit dat je in een flop- of fawningrespons belandt, die je altijd opnieuw volledig het nakijken geeft, kun je jezelf daarin niet bereiken, hoe je ook vooraf, achteraf en tussendoor probeert een ontwikkeling door te maken. Dan kan een interventie zoals EMDR heel behulpzaam zijn en echt een verschil maken, waardoor je ziet: dit was echt nodig, hierin kwam ik niet verder, en ik ben blij dat die interventie bestaat.
Dus zoek dat op als je hier zelf al veel werk in hebt gedaan en merkt dat je er geen ontwikkeling in kunt doormaken. Ik zie zelf dat er heel veel mogelijk is buiten EMDR om, en dat EMDR je net dat stuk kan helpen oplossen waar je zelf niet bij kunt.
Ik hoop dat dit helpt. Compassie is de weg. Haal elk oordeel weg dat je hebt over je angst. Haal elk oordeel weg dat je hebt over wat je misschien bestempelt als angsthaas zijn of een gebrek aan assertiviteit. Respecteer dat het volkomen logisch is dat je als kind in de harmoniefantasie stapte, als je niet in een conflictvaardig gezin bent opgevoed.
Je kunt nu, als je overeten uit dit patroon wilt halen, alsnog een prachtige ontwikkeling doormaken. Je zult merken: ik wist niet dat ik zo conflictvaardig kon worden, en ik wist niet dat het zo goed voelt om mezelf alsnog een stem te leren geven, die stem te gebruiken, en mezelf te kunnen ontvangen in alles wat ik daarbij voel. Het is het zo waard.
Het is zo helend om te leren jezelf een stem te geven. En als je dat op den duur ook kunt bij de mensen bij wie de angst ooit is ontstaan, is de cirkel rond. Dan kun je zeggen: wat een fantastische, corrigerende ervaring. Ik sta hier stevig, mijn lichaam reageert en ik kan dat voelen. Ik kan mezelf daarin opvangen en helemaal oké zijn, van begin tot eind, zonder overeten.
Dit was het voor vandaag. Als jij klaar bent voor een ontwikkeling waarin je zegt: ik wil dit, ik wil mezelf naar dat volgende niveau helpen om dat emotie-eten uit mijn systeem te krijgen, schrijf je dan in op mijn wachtlijst. In september ga ik weer open. Je gaat die ontwikkeling doormaken, jezelf een stem geven, en het overeten hier uit krijgen. Maak er een mooie week van. Tot gauw.
Je hebt geleerd om eten te beheersen. Maar vrijheid voelt anders. Vrijheid is luisteren naar je lichaam, je verlangens en waarheid. Het is stoppen met vechten en beginnen met begrijpen.
Dit zijn jouw etenslessen. Geen regels die je moet volgen, maar ontdekkingen die je mag doen. Als eten een worsteling is, is er iets in jou dat gehoord wil worden.
Overeten is de rook – niet het vuur. In mijn boek neem ik je mee in een nieuwe omgang met eten.