De Etenslessen van Bianca gaan je helpen. Waar je nu ook staat. Als je overeet is dat geen tekortkoming. Wat je doet is het symptoom van iets anders. Bianca’s verhaal helpt om jezelf beter te begrijpen en schaamte los te laten. Ze vertelt wat voor haar de beste remedie is, om te kunnen stoppen met overeten. Daar verloor ze tien kilo mee. Maar hoe graag je ook wil afvallen, nadat je haar verhaal hebt gehoord weet je dat gewicht de bijvangst is. Ons gesprek was indrukwekkend en prachtig. Je boft dat ze haar lessen wil delen. Bianca maakt de weg voor je vrij naar een nieuwe relatie met eten.
Bianca hield zich groot. Overeten speelde daarin een grote rol. In deze aflevering deelt ze haar Etenslessen met je en ik ben diep onder de indruk van haar. Deze Etenslessen helpen je om overeten te normaliseren. Je leert het te herkennen als symptoom van iets anders. Zo kun je de schaamte erover loslaten. Dat geeft je veel meer invloed op het oplossen van overeten. Het was een prachtig gesprek. Hier zijn de Etenslessen van Bianca.
Marjena: Als iemand je zou vragen wat je het liefst eerder had geweten over stoppen met overeten of afvallen, wat zou dat dan zijn?
Bianca: Ik denk dat het gaat over houden van mezelf. Dat is de sleutel naar een andere manier van omgaan met eten. Ik wist altijd al dat het bij mij niet om een dieet ging. Maar ik wist niet goed waar het dan wel om ging. Ik had nooit kunnen bedenken dat zelfliefde zo’n belangrijke sleutel zou zijn.
Marjena: Had je daar altijd al doorheen geprikt, dat diëten nooit zo simpel kunnen zijn?
Bianca: Een beetje wel. Maar ik hoopte ook dat het gewoon een kwestie was van yoghurt afwegen op een weegschaaltje. Dan zou het vanzelf wel goed komen.
Marjena: Heb je dat echt gedaan, yoghurt afwegen?
Bianca: Ja, zeker. En op een bepaalde manier zag ik mezelf daarin ook tegenstrijdig bezig. ’s Morgens woog ik mijn havermout af. Maar ’s avonds werkte ik een heel pak koekjes naar binnen. Die woog ik natuurlijk niet af.
Marjena: En dat was voor jou een teken dat weten waar je vanaf valt gewoon niet genoeg is. Het dekt de lading niet.
Bianca: Nee. Ik had geen ongezond eetpatroon. Ik wist echt wel wat gezond eten was. Toen de kinderen nog klein waren, kookte ik elke dag en lette ik goed op wat iedereen at. Aan tafel, voor het oog van anderen, deed ik het altijd goed. Maar het overeten gebeurde op momenten waarop niemand bij me was. Daardoor kon ik het ook voor mezelf een beetje wegmoffelen. En het was niet altijd chips en koek. Het konden ook een bak druiven zijn, of veel noten. Het vermomde zich op allerlei manieren.
Marjena: Wat is voor jou dan de definitie van overeten, in je eigen woorden?
Bianca: Bijna altijd is het wanneer ik mijn hongerbalans negeer. Als ik terugkijk naar wat ik heb gegeten, ook al is het maar twee eetlepels of een halve boterham, dan is dat voor mij overeten. Ik kan het van een afstandje goed zien. Meestal kan ik ook benoemen waarom ik het deed. Soms let ik gewoon niet op en ben ik iets anders aan het doen terwijl ik eet, en dan eet ik door. Soms kan ik heel duidelijk aanwijzen dat er spanning zit, of pijn, of verdriet. Een emotie die me die route in laat slaan.
Marjena: Ik las een quote van jou in de community, die ik heel mooi vond. Je schreef dat je jezelf, toen je vijftig werd, afvroeg wat je niet wilde meenemen in de volgende fase van je leven. Het antwoord was je strijd met eten. Waar is die strijd voor jou ooit begonnen?
Bianca: Mijn eerste herinnering aan stiekem eten gaat terug naar de basisschool, ergens tussen mijn achtste en tiende jaar. Ik weet nog dat mijn moeder me kwam instoppen en vroeg of ik van de boter had gesnoept. Ik zei nee, maar het zat nog op mijn gezicht. Dat is mijn eerste herinnering aan stiekem eten, en het was meteen ook overeten.
Marjena: Was je je toen al bewust van wat er speelde?
Bianca: Nee, eigenlijk niet. Ik werd gepest op de basisschool en ik wist dat ik dat vervelend vond. Maar mijn strategie was al: ik moet me groot houden. Ik liet nooit merken dat het me raakte, niet tijdens het pesten en niet thuis. Ook niet als mensen vroegen hoe het op school was. Pas veel later, als jongvolwassene, besefte ik hoe diep dat pesten sporen had nagelaten.
Bianca: Parallel daaraan kwam ik uit een onveilige thuissituatie. Mijn vader was alcoholist en zwaar getraumatiseerd. Mijn moeder was dat vanuit haar eigen verleden ook. Er was weinig ruimte voor de kinderen. Als ik terugkijk, waren mijn ouders allebei aan het overleven. Mijn vader kon hard zijn en zeggen dat ik dom was, of dik. Die combinatie van gepest worden op school en het gevoel dat er ook thuis niemand voor me was, maakte dat ik me vaak groot hield en afsloot. Eten was mijn go-to.
Marjena: Ik vind het bijzonder dat we als kind eten kunnen ontdekken als iets wat ons kalmeert. Een plek waar we ons even voor de wereld kunnen afsluiten. Eten maakt stofjes aan die een gevoel van welbevinden geven. Onbewust ontdek je dat dat voor jou werkt. Het wordt iets waar je op terugvalt en wat een onderdeel van je wordt. Had jij ook niet bewust bedacht dat je jezelf groot moest houden?
Bianca: Nee, zeker niet. Die dingen kregen pas later vorm, toen ik begin twintig was en voor het eerst in therapie ging. Toen viel het op zijn plek en snapte ik hoe alles met elkaar verbonden was, ook dat groot houden. Ik was toen nog niet bezig met overeten oplossen. Pas later kon ik woorden geven aan mijn copingstrategie.
Marjena: Hoe zag die strijd met eten er voor jou uit?
Bianca: Eten was voor mij een troost, een houvast en een manier om overeind te blijven zonder te hoeven voelen. Mijn moeder was altijd op dieet. Als kind had ik het gevoel dat ze me dik vond, ook al zei ze dat nooit hardop. Ik dacht altijd dat ze met die ogen van slank-zijn naar me keek, en maakte er zelf van dat ik niet oké was. Mijn moeder werkte bij een tijdschriftendistributeur en elke vrijdag nam ze een stapel modebladen mee naar huis. Daar bladerde ik veel in, en ik zag vrouwenlichamen die aan bepaalde idealen voldeden. Dat werd een ideaal in mijn hoofd: als je dat bent, zijn bijna al je problemen opgelost.
Marjena: Dat onbewuste denkproces herken ik ook. Ik schreef er in mijn boek over. Als je continu beelden ziet van vrouwen die zelfverzekerd, ontspannen of blij overkomen, en je kent die gevoelens zelf nog niet, dan projecteer je dat verlangen op dat lichaam. Alsof het lukt als je er zo uitziet. Zo ontstaat onbewust het verlangen om er zo uit te zien als je moeder, die er ook naar streefde. Heb je toen geprobeerd om dat met yoghurt afwegen op te lossen?
Bianca: Ja, en ook verschillende diëten. Een keer ging ik met een buurvrouw naar een dieetclubje. Ze vroeg het op oudjaarsavond, dus het voelde alsof ik aan een nieuw leven begon. In ruim een jaar verloor ik zo’n 25 kilo.
Bianca: Ik realiseerde me toen dat ik me nog steeds hetzelfde voelde. En nog net zo zwaar als 25 kilo geleden. Dat was voor mij een eyeopener. Ik had gedacht dat ik me anders zou voelen en dat het leven vanzelf zou gaan lopen. Dat het na 25 kilo niet zo bleek te zijn, vond ik confronterend. De kilo’s zijn er overigens wel afgebleven, mede dankzij drie zwangerschappen daarna. Maar het heeft me niet gelukkiger gemaakt in mijn lijf, of met hoe ik eruitzag, of met wat ik weeg. Dat had ik niet verwacht.
Marjena: Kwam je verlangen naar overeten toen ook weer terug, omdat het gras aan de andere kant toch niet groener bleek?
Bianca: Dat verlangen is eigenlijk altijd gebleven. Ik had wel een manier gevonden: in dat anderhalf jaar zat ik heel erg op controle. Ik leerde alles af te wegen. Je kon best vier boterhammen eten, zolang er maar kipfilet op lag in plaats van kaas. Daarmee hield ik controle, en zei ik tegen mezelf dat ik goed bezig was. Ik kreeg ook complimenten uit mijn omgeving, en dat voelde fijn, in elk geval op de korte termijn.
Bianca: Het overeten bleef wel, maar vertaalde zich naar gezondere producten. Noten, avocado. Er veranderde iets in wat ik overat, maar het overeten zelf bleef gewoon bestaan.
Marjena: Het verlangen bleef, het gewicht ging eraf en je kon het eronder houden. Maar dat eronder houden was zelf ook weer een frustratie. Zou je dat een strijd met eten noemen? Een continu verlangen dat steeds gemanaged, onderdrukt of beantwoord moet worden met kipfilet en trucjes, zonder dat je ooit een kalme, stabiele relatie met eten hebt.
Bianca: Ja, dat is het precies. De hele tijd nadenken over wat ik had gegeten, wat ik nog zou eten, wanneer ik weer mocht eten. Of ik iets wel of niet mocht hebben als ik ergens op bezoek was. En als ik het wel deed, de volgende dag weer denken: nu ga ik echt beginnen. Ik heb periodes gehad dat ik tot vijf dagen terug kon opnoemen wat ik had gegeten en wat daar niet goed aan was. Dat kost enorm veel mentale ruimte, en het brengt niets. Dat kan ik nu zo zien. Toen dacht ik nog: als ik stop met erover nadenken, loopt het helemaal uit de hand.
Marjena: Dus onderaan de streep koos je tussen twee kwaden. Overeten en steeds zwaarder worden, met de energetische prijs die daarbij hoort. Of niet overeten, maar er dan continu mee bezig zijn en er niet lekker over voelen. Dat beschrijf je mooi: levenslang managen, compenseren, bijhouden. Een verlangen onderdrukken of uitleven, en in beide gevallen niet gelukkig zijn. Dat is waar je vanaf wilde toen je vijftig werd.
Bianca: Ja. Een jaar eerder had ik al af en toe naar jouw podcast geluisterd. Dat was de eerste keer dat ik iets hoorde waarvan ik dacht dat het zou kunnen kloppen. Daarvoor had ik nog nooit iets gelezen of gehoord dat voor mij klopte. Ik ben ook bij een diëtiste geweest die gespecialiseerd was in emotie-eten. Maar zij leerde me niet dat houden van mezelf de sleutel was naar een andere relatie met eten. Ze zei vooral dat ik beter kon gaan sporten, maar dat kon ik zelf ook wel bedenken. Dat hielp me niet echt verder.
Bianca: Ik wilde dit niet meenemen naar de volgende vijftig jaar van mijn leven, uitgaande van honderd worden. Toen dacht ik: ik ga mezelf cadeau doen, en dan zie ik wel.
Marjena: Wat zijn je ontdekkingen geweest, met die zelfliefde vooropgesteld? Hoe verhoudt die zich tot je omgang met eten en met jezelf?
Bianca: Het overeten blijkt veel meer verweven met alles dan ik had verwacht. Nu ik het minder doe, zie ik pas hoe vaak ik het eigenlijk wil doen. En hoe vaak emoties daarvoor de trigger zijn. Ik had niet door hoe diep dat zat, en hoeveel onveiligheid er in me huisde. Dat was niet per se leuk om te ontdekken, maar wel nodig om iets anders te kunnen doen.
Bianca: Ik dacht dat ik de hongerbalans zou volgen, elke dag zou schrijven, en dat het dan vanzelf goed zou komen. Maar ik ervaar het soms als een dorre woestijn waar je doorheen moet om bij de oase te komen. Ik ben nu ongeveer een jaar bezig en vind het nog steeds pittig. De kaalheid en de rauwheid van emoties toelaten, en beseffen dat het kind Bianca graag gerustgesteld wil worden. Als ik dat dan doe, voel ik ook hoe ze dat gemist heeft, en dat is weer nieuwe pijn. Ik zit daar nog volop in.
Marjena: Blijvend gewichtsverlies en het oplossen van overeten kunnen alleen ontstaan in de heling. In het daadwerkelijk opvullen van wat er ontbrak. Dat wordt voelbaar in talloze kleine momenten, naarmate je de vaardigheden ontwikkelt die daarvoor nodig zijn. Het gaat om bewustzijn: lichamelijk bewustzijn van je zenuwstelsel, van wat er gebeurt bij elke emotie die geraakt wordt. Daar in contact mee komen en blijven, brengt alles naar de oppervlakte. Wat bedoel je precies met die kaalheid die je beschrijft?
Bianca: Het is het voelen van emoties, zonder daar een geheim van te maken. Ik heb geleerd om me groot te houden, maar voor dat groot houden had ik ook eten nodig als een soort steun. Die steun heb ik nu niet meer. Kaal is misschien niet het beste woord, kwetsbaar past misschien beter.
Bianca: Eten hing als een soort deken of jas om me heen. Ik beloonde mezelf van eetmoment naar eetmoment, en het gaf vorm aan mijn dag en iets om naar uit te kijken. Er zijn nu dagen dat ik denk: ik zie niets om naar uit te kijken. Dan ben ik ook wel boos geweest, omdat ik dacht: dit mag ik nu ook niet meer oplossen met eten. Dat is me nu ook nog afgepakt, door mezelf weliswaar, maar het voelt confronterend op allerlei niveaus. Ik wist niet dat ik me zo onveilig voel bij het toelaten van emoties, en kan dat goed verklaren vanuit hoe er vroeger op emoties werd gereageerd. Maar ik wist niet dat het zo diep zat.
Marjena: Wat je beschrijft is eigenlijk een dubbele laag. Er is het leren toelaten van een emotie en bewust worden van een gevoel. Tegelijk zegt je zenuwstelsel dat het onveilig is om je daarvan bewust te worden, laat staan om er expressie aan te geven. Dat is het zware werk dat je doet. In de coaching hoor je mij vaak zeggen dat dit niet de makkelijke weg is. Het is makkelijker om te overeten en jezelf uit te zetten tot morgen, dan om op te komen dagen voor de heling en het zijn met jezelf. Wat uniek is in jouw Etenslessen, is dat je op meerdere lagen tegelijk werkt aan het re-integreren van je gevoelsleven.
Marjena: Voelen in plaats van eten vraagt dat je een zenuwstelsel kalmeert dat zegt: dit is onveilig, laat het niet toe, hou je groot. En het dan tóch doen. Eerst alleen maar toelaten in je lichaam, jezelf geruststellen dat het veilig is. Dan de fase waarin je experimenteert met er expressie aan geven, en ontdekt dat je er niet aan onderdoor gaat. Dat is het proces van heling, en daaraan doe je je heldenwerk. Daardoor verdwijnt geleidelijk ook het verlangen naar overeten, omdat je de vaardigheden ontwikkelt die het ondervangen. Maak je dat al mee, in makkelijkere situaties met mensen die je vertrouwt?
Bianca: Ik maak het mee in de relatie met mijn partner. Ik ben geneigd om me aan te passen, om te zorgen dat de ander geen last van me heeft. Of om eerst te vragen wat hij wil voordat ik mijn eigen wens uitspreek. Daarin durf ik nu makkelijker mezelf te blijven. Ik kan ook gewoon huilen als ik moet huilen, zonder het gevoel dat ik er eerst een hele toelichting bij moet geven zodat de ander het snapt. Ook naar mijn kinderen toe kan ik beter zeggen dat ik me niet fijn voel en waarom, of dat ik het niet weet en even niet zo spraakzaam ben.
Bianca: Ik hoef me daarin niet meer groot te houden als de moeder die alles moet weten en overal gelijk in moet hebben. Op mijn werk speelt het ook, al heb ik daar door mijn therapeutische opleiding ook een valkuil: reflecteren is onderdeel van mijn werk, maar zeggen hoe je je voelt heeft niets te maken met het daadwerkelijk voelen. Mensen die me kennen zeggen dat ik heel open ben en makkelijk over mijn gevoelens praat. Dat is waar, maar het is iets anders dan voelen en daarmee aanwezig zijn terwijl je bij iemand bent. Dat is voor mij nog een zoektocht.
Marjena: Vertel eens over zelfliefde. Hoe raakt dat voor jou de kern? Wat kun je daarover zeggen?
Bianca: Dat heeft met allerlei dingen te maken. Bijvoorbeeld met het schrijfwerk dat ik ’s ochtends doe. Daar tijd voor maken is een vorm van zelfliefde. Mezelf geruststellen in situaties waarin ik merk dat ik het spannend vind, of bang ben, of me zorgen maak. Dan kan ik afstand nemen en zien dat het kind Bianca gerustgesteld wil worden. Ik kan tegen haar zeggen dat het oké is, dat ik bij haar ben en haar niet alleen laat. Ook gewoon zeggen dat ik naar yoga ga en dat de anderen dan zelf maar moeten kijken wat en wanneer ze eten, is een vorm van zelfliefde. Mijn partner en ik hebben een LAT-relatie, en ook tegen mijn kinderen zeg ik weleens dat ik me even terugtrek, boven, met de deur dicht.
Marjena: Was dat voorheen taboe?
Bianca: Ja, een beetje wel. Ik heb twee kinderen die nog thuis wonen, van zeventien en twintig. Ze vragen echt niet meer of ik ze kom instoppen. Toch had ik lang het gevoel dat ik moest aanstaan, omdat ze elk moment een beroep op me konden doen. Dat heb ik losgelaten. Als het even niet lukt, eten ze een kant-en-klaarmaaltijd en doe ik iets anders. Dat vond ik wel moeilijk om te accepteren.
Marjena: Ik hoor je zeggen dat zelfliefde voor jou samenhangt met bewustzijn van wat je nodig hebt, van waar je grenzen liggen en waar je onzekerheden zitten in dat kinddeel van jezelf. Daar geen oordeel over hebben, maar het belangrijk maken en er aandacht aan besteden. En oké zijn met het idee dat andere mensen het soms niet fijn vinden als jij iets anders nodig hebt dan zij, en jezelf toch op de eerste plaats zetten.
Marjena: Wat me opvalt in de stappen van onvoorwaardelijke zelfliefde, zoals je die in het programma leert, is dat onze innerlijke criticus vaak zwart-wit denkt. Hij vindt dat iets nu wel eens klaar moet zijn, dat je er niet weer over mag beginnen. Die criticus is snoeihard, ongeduldig, en stimuleert vooral dat je geen ruimte inneemt en niemand tot last bent. In zelfliefde leren we die criticus herkennen als een deel met de beste bedoelingen, maar op een manier die niet helpt. Je komt steeds meer in contact met het besef dat je niet kunt groeien als je zo tegen jezelf praat. Herken je die samenhang, dat hoe meer je grenzen aangeeft, hoe minder verlangen er is om te verdoven in eten?
Bianca: Die zie ik wel. Als ik ruimte heb ingenomen voor wat ik nodig heb, merk ik dat dat helpt. Mits ik die ruimte ook weer invul met iets dat me voedt. Dat is ook weer een zoektocht: als ik zeg dat ik me terugtrek, weet ik niet altijd meteen wat ik daar dan mee doe. Dat vind ik soms nog spannend. Het zijn allemaal verschillende stappen. Eerst zeggen dat ik alleen wil zijn, en dan nog invulling geven aan dat alleen-zijn op een manier die me blij maakt of helpt.
Marjena: Ik zie dit als een verkenning: het geruststellen en ontspannen van je zenuwstelsel, of juist energie kwijt kunnen als het geladen is. Je noemt het ook spannend. Wat maakt die verkenning spannend voor jou?
Bianca: Ik zie het voor me als voor een meer staan met ijskoud water. Ik durf er wel in te gaan staan, maar me helemaal onderdompelen, verder het water in gaan, vind ik spannend. Ik heb ontdekt dat ik heel veel voel, maar er eigenlijk weinig van weet: hoe emoties werken, hoe ze komen en gaan. Bij mij begint het vaak met een soort onrust, en ik weet dat die onrust vroeger het teken was om te gaan eten. Dan ben ik ook een beetje bang voor wat erna komt. Misschien verdwijn ik wel, denk ik dan, of komt het nooit meer goed, alsof het een alles verzwelgend gevoel is.
Bianca: De stem van mijn vader speelt daar ook een rol in. Hij was daar streng op en wilde niet dat je huilde of ontstemd was. Mijn moeder wilde hem, omdat hij dronk, altijd kalm houden. Daarvoor moesten de kinderen ook kalm zijn. Haar mantra was: doe maar niet, want anders wordt je vader boos. Dat komt allemaal samen als ik besluit om een gevoel toe te laten. Dan staan zij daar als het ware om me heen, alsof ze me van alles toeroepen.
Marjena: Dat is opnieuw die laag waar we het eerder over hadden. Naast het gevoel van onveiligheid bij die verkenning, word je door jezelf uitgenodigd om te voelen. In het Engels noemen ze dat reparenting: de liefdevolle ouder voor jezelf zijn die zegt dat dit lastig is, dat je veilig bent bij haar, en of jullie het samen zullen doen. De innerlijke criticus zou vragen hoe oud je wel niet bent, en waarom je nu nog zo moeilijk doet. Gaandeweg dooft die stem, en komt de heropvoeding meer op de voorgrond: dit is lastig, maar ik ben er.
Marjena: Ik vind het altijd mooi hoe je op social media soms die compilatievideo’s ziet van een asielhondje. In het eerste shot zit het trillend achter in een hokje, vol huidklachten, en durft het met niemand contact te maken. Zo’n filmpje versneld afgespeeld, en weken later zie je dat hondje met een glanzende vacht rondhuppelen en spelen. Het is een krachtig beeld voor de delen in onszelf die hebben geleerd om je gevoel niet te vertrouwen. En het al helemaal niet aan de buitenwereld te laten zien. Dat is het werk dat jij nu doet, en ik heb er zoveel respect voor.
Marjena: Het is je helende pad, dat een duurzaam resultaat geeft. Het houdt ook niet op: als je die tools blijft inzetten, beweeg je steeds meer de richting op die je wil. Dan maakt het uiteindelijk niet meer uit hoe lang het duurt, want je zou geen andere weg willen kiezen.
Bianca: Nee, dat kan nu ook niet meer. Als je het eenmaal ziet, kun je het niet meer niet zien.
Marjena: Dit zijn hoopvolle Etenslessen voor mensen die zichzelf ook heel erg groot en staande houden. Is er iets wat je hen zou willen meegeven? Iets van: als je jezelf hierin herkent, weet dan dit.
Bianca: Ik had het zelf ook niet voor mogelijk gehouden om zo met mezelf te zijn als nu, en om uitdrukking te geven aan wie ik ben. Soms doe ik dat nog alleen voor mezelf, soms laat ik het ook aan anderen zien. Het is niet erg als het klein begint, dat is denk ik de enige weg: laagje voor laagje. Het gaat ook vaak mis, en dat is niet erg. Als er een makkelijke oplossing was geweest, had ik die veertig jaar geleden al gevonden. Het kost wat.
Marjena: Vind je groepscoaching daarin behulpzaam, dat je andere mensen hoort die hier hun eigen stappen in zetten?
Bianca: Heel erg. In het begin zei je in de introductiecall dat ik een vraag ook privé mocht stellen, als ik die niet wilde delen met de hele groep. Ik heb daar nooit gebruik van hoeven maken. Ik heb me ook in de live coaching nooit geschaamd, of het gevoel gehad dat ik iets niet zou mogen zeggen. Het voelt bevrijdend, misschien een beetje als uit de kast komen. Ik heb zelf zelden met iemand gepraat over hoe die worsteling precies voelt. Het feit dat andere mensen dat op hun eigen manier ook hebben, vond ik waanzinnig om te ontdekken. Dat maakte me milder over mezelf.
Marjena: Precies, het normaliseren van overeten. Niet vanuit de vraag hoe we aan dat overeten gaan sleutelen, maar door naar de oorzaak te kijken. Dat brengt heel andere coachgesprekken, die ook het neurologische en fysiologische aspect raken, waar voeding onderdeel van is. Maar in de oorsprong gaat alles terug op het onbewust herkennen van: als ik eet, kan ik even vergeten wat ik voel. Zelf omschreef je dat als een eilandje waar je je even op kon terugtrekken. Als dat wordt herkend als een heel natuurlijk verlangen, bij een kind, een puber of een volwassene met een springerig zenuwstelsel, dan is dat verlangen naar eten volkomen begrijpelijk.
Marjena: Die collectieve acceptatie maakt dat je er samen open over kunt zijn. In plaats van dat het, zoals in de jaren tachtig toen ik nog diëette, ‘gezondigd’ heette. Alsof het een opzichzelfstaande zonde was, los van alle context eromheen.
Bianca: Nog een aanvulling op de groepscoaching: het helpt me ook om verhalen van anderen te lezen of hun coachvragen te horen. Iemand kan iets op een bepaalde manier zeggen, en dan zit daar een woord of zin in waarvan ik denk: dat gaat ook over mij. Soms moet je zoiets op allerlei verschillende manieren horen voordat het landt. Omdat iemand een woord of metafoor gebruikt waar ik zelf nooit op zou komen. Dat horen van anderen helpt me.
Marjena: Ik ga je een laatste vraag stellen, en elk antwoord is oké: kon je tijdens ons gesprek iets voelen in je lichaam?
Bianca: Ja, en ook een blij gevoel. Vanmiddag vroeg ik me nog af waarom ik ja had gezegd tegen dit gesprek, en ik ben er zelf nog helemaal niet. Misschien heb ik niets geleerd waar een ander iets aan heeft, maar daar had ik geen last van. Tijdens ons gesprek voelde ik me vooral blij en trots dat ik er zo met je over kan praten. En dat ik nu dingen voel, weet en ken die ik eerder niet wist of kende.
Marjena: Ik was helemaal vergeten te vragen of je ook gewicht bent verloren. Daar zijn mensen altijd nieuwsgierig naar, al valt het een beetje in het niet bij alles waar we het over hebben gehad.
Bianca: Ik ben tien kilo kwijt, iets meer zelfs. En het wordt steeds minder belangrijk. Dat andere, waar we het over hebben gehad, dat is waar het voor mij om gaat. Ook dat had ik me van tevoren niet kunnen voorstellen: dat ik bij het denken aan de weegschaal of mijn gewicht soms mijn schouders ophaal. En denk dat het eigenlijk niet zo belangrijk is.
Marjena: Bijzonder, hè? Het presenteert zich als het probleem, als het issue, als de aanleiding om dit pad te bewandelen. Gaandeweg kom je bij de kern van waar het eigenlijk al die tijd over ging. In die heling verlies je gewicht, maar tegen de tijd dat het eraf is, merk je: leuk voor erbij. Dit gevoel van van jezelf houden, steeds meer kunnen voelen, present kunnen zijn, ruimte durven nemen en echt voor jezelf kunnen zorgen op elk niveau, dat is toch het mooiste wat er is? Dank je wel, Bianca. Ik vond het geweldig om je te spreken, en bedankt voor het delen van je Etenslessen.
Bianca: Graag gedaan. Dank je wel.
Je hebt geleerd om eten te beheersen. Maar vrijheid voelt anders. Vrijheid is luisteren naar je lichaam, je verlangens en waarheid. Het is stoppen met vechten en beginnen met begrijpen.
Dit zijn jouw etenslessen. Geen regels die je moet volgen, maar ontdekkingen die je mag doen. Als eten een worsteling is, is er iets in jou dat gehoord wil worden.
Overeten is de rook – niet het vuur. In mijn boek neem ik je mee in een nieuwe omgang met eten.